WANDELEN: Hemelsche Berg

Berceau De Groene Bedstee op Mariëndaal

Mijn kennismaking met Johannes Kneppelhout (1814–1885) door het Kneppelhoutpad in Hengelo (zie ‘Geen Wildernis’), brengt me vandaag, woensdag 23 februari 2022, naar Oosterbeek, waar deze schrijver in 1847 landgoed De Hemelsche Berg kocht en verder liet ontwikkelen. Hoewel hij zelf een imposant oeuvre bij elkaar geschreven heeft, was deze rijkaard ook ondersteuner van andermans talenten. Hij ontving vele kunstenaars in zijn landhuis, dat overigens verwoest is tijdens de Tweede Wereldoorlog. Zijn opus magnum onder het pseudoniem Klikspaan is ‘Studenten-Typen’, waarin hij twaalf Leidse studententypen humoristisch beschrijft: De student-Leydenaar, De jurist-literator, De klaploper, De diplomaat, De student-autheur, De aflegger, De liefhebbers, Bivalva, De hoveling, De student buiten de Academiestad, Flanor, en De student. Ik weet niet tot welke categorie hij zichzelf rekende (De student-autheur?), maar hij heeft op alle types veel aan te merken.

Landgoed De Hemelsche Berg is één van de landgoederen en buitenplaatsen op de zuidelijke Veluwezoom bij Oosterbeek en Arnhem, hetzelfde gebied dat zo’n grote rol speelde in de eindfase van Operatie Market Garden. Ik kom dan ook op het Rosandepad (Klompenpad) vele herinneringen aan deze mislukte operatie tegen.  Zo is de startplaats bij het Airborne Museum in Hartenstein en ligt pal ervoor de Naald, het Airborne Monument. Niet alleen betuigen de monumenten ons respect voor de bevrijders, maar ook het respect van de bevrijders voor de bewoners van dit gebied, zoals zo mooi verwoord op het monument achter Hartenstein: ‘To the people of Gelderland’. Behalve terloopse benoeming zal ik er overigens vandaag weinig aandacht aan besteden omdat ik dat al eerder heb gedaan op de bijzondere datum van 17 september 2019, vijfenzeventig jaar na dato (‘Market Garden’. In: Siem Sing a Song, 2020).          

Het is verhelderend om een blik te slaan op de prachtige digitale Beken Atlas Veluwe (www.sprengenbeken.nl) voor een overzicht van de beken, die bij Oosterbeek van de stuwwal afstromen richting de Nederrijn. Van west naar oost: Oorsprongbeek, Spreng op de Hemelsche Berg, Gielenbeek, Zuiderbeek en Slijpbeek. In de uiterwaarden komen ze samen in de Leigraaf die op enkele plaatsen in verbinding staat met de Nederrijn. Verschillende wijerds (molenvijvers) in de beken getuigen nog van verdwenen watermolens.

Op Landgoed De Hemelsche Berg kwetteren de vogels dat het een lieve lust is op deze zonnige dag na de drie stormen DEF (Dudley, Eunice en Franklin). Ik kom al snel bij een zeer diepe kuil, de Spreng op de Hemelsche Berg, met als bijnaam De Hel, hoe toepasselijk. In deze diepe kuil hielden burgers zich schuil voor de bombardementen tijdens Operatie Market Garden. De spreng is ondergronds verbonden met de Gielenbeek. Op het informatiebord een foto van het kasteeltje van Johannes Kneppelhout, dat tijdens de oorlog verloren is gegaan.

Op het hoogste punt van het landgoed staat een gedenkzuil, geschonken door ‘Het dankbare Oosterbeek’ bij de zeventigste verjaardag (1825–1895) van de weduwe van Johannes Kneppelhout: ‘Mevr. U.M. Kneppelhout, Geb. van Braam en wijlen Haren onvergetelijken Echtgenoot’. Het echtpaar fourneerde financiële middelen voor kleuterschool, dorpskerk en concertzaal. Johannes was kerkvoogd en gemeenteraadslid.

De eerste beek die ik tegenkom is de Oorsprongbeek, vernoemd naar het aanpalende Landgoed De Oorsprong. De beek is voorzien van watervallen en leuke bruggetjes, zelfs een grothuisje dat je onder de beek door leidt zodat je tegen het watergordijn aankijkt. Op de natte oevers van de beek grote populaties van het vrij zeldzame paarbladig goudveil. Een holenduif roept in de verte en een zanglijster bejubelt luidkeels het lenteweer. Ook landhuis De Oorsprong heeft de oorlog niet overleefd, maar men heeft het grondplan middels een laag muurtje zichtbaar gemaakt.

De route gaat weer wat omhoog op de stuwwal om de sprengkop van de Gielenbeek heen. In een moerassig deel groeit groot hoefblad dat al nawinterbloei vertoont. Gewoon elfenbankje parasiteert op een oude boomstronk. Langs enkele vijvers en watervalletjes bereik ik de Benedendorpsweg bij de kruising met de Kneppelhoutweg. Vervolgens over het Kerkepaadje op de rand van de uiterwaarden naar de Oude Kerk. Langs het paadje, vochtig door kwel, bloeien speenkruid en kleine maagdenpalm. De Oude Kerk dateert van rond 900 en is de oudste nog in gebruik zijnde kerk van Nederland. Op het kerkplein een stokoude linde waar een patrouille van een vijftal bevrijders door een mortiergranaat werd getroffen.

Van de Zuiderbeek zie ik slechts de brug in de Benedendorpsweg. Ik vervolg over de Polderweg door de uiterwaarden, waar de genoemde beken samenkomen in de Leigraaf. In deze uiterwaarden vond de nachtelijke evacuatie plaats van de tweeduizend manschappen die resteerden na de mislukte Operatie Market Garden.

Vanaf de Polderweg mooi zicht op de Oude Kerk en de verhoging Westerbouwing, hoog boven het Drielse Veer. De Polderweg wordt geflankeerd door bijzondere stokoude knotwilgen. Bij de Oosterbeekse Rijnoever een camping met horeca en de restanten van een oude ronde steenoven. Vanaf hier is het balanceren om overeind te blijven in de glibberige rivierklei van de Rosandepolder, onder de spoorbrug door en langs enkele kleigaten.

In deze polder hebben van de veertiende tot en met de achttiende eeuw opeenvolgende versies van Kasteel Rosande gestaan, waarvan nu slechts vaag de contouren in de bodem zichtbaar zijn.

Het is even schakelen bij het zien van twee kamelen, die hier een weiland bewonen. Terug onder de spoorlijn door, waar boven het tunneltje een Valentijn met grote letters de prangende vraag stelt: ‘Els wil je met mij trouwen?’. Hij heeft echter de ‘j’ in spiegelbeeld geschreven, dus daar zal hij eerst nog wat aan moeten werken.

In het laagste gedeelte van Landgoed Mariëndaal staat plompverloren een bijzondere boom, de S. Baron van Heemstra boom, geplant 5 december 1949, alweer op een zeventigste verjaardag. Baron van Heemstra (1879–1960) was Commissaris van de Koningin in Gelderland en oprichter en voorzitter van de Stichting Het Geldersch Landschap.

Dan wordt het aan de noordzijde van de Utrechtseweg klimmen de stuwwal op. Op deze zuidhelling een kleine wijngaard, het pas aangeplante gedeelte met een groenbemester tussen de rijen, waarschijnlijk bladrammenas.

Langs landhuis Mariëndaal volg ik de Slijpbeek tot aan de sprengkop. Vlakbij begint de bekende ‘Groene bedstee’, een lange vertakte berceau van beuk.

Op het hoogste punt van het landgoed, zo’n vijfenzeventig meter boven NAP, gebruik ik de lunch aan een bijzondere picknicktafel met een dik stenen tafelblad, versierd met de afbeelding van een hostiekelk. Geen altaarsteen, maar een oude grafzerk die herinnert aan de oorsprong van deze landgoederen, het augustijnenklooster Mariënborn (1392–1580). De  picknicktafel ligt aan de Tafellaan, waar men druk  bezig is stormschade aan beuken op te ruimen. Aan de andere zijde van de Schelmseweg ligt een mooie theekoepel, die ook toebehoort aan Landgoed Mariëndaal.

Een volgend landgoed is Boschveld. In het bos enkele grafheuvels. Ook een zuil zonder nadere specificatie. Het blijkt een grenspaal te zijn tussen de landgoederen Boschveld en Lichtenbeek.

Ik daal langzaam af en kom aan de rand van Oosterbeek langs het monument, opgedragen aan de bevoorradingstroepen. Landgoed Lichtenbeek was tijdens Operatie Market Garden bedoeld als afwerpgebied, maar de Engelsen konden de plek niet in handen krijgen. De gedropte voorraden vielen in Duitse handen.

Langs de indrukwekkende Oorlogsbegraafplaats, waar zo’n achttienhonderd militairen liggen begraven, keer ik terug naar het Airborne Museum, waar deze bijzondere tocht begon, een tocht die alles in zich heeft: geschiedenis en geografie, cultuur en natuur, hemel en hel, inspiratie voor de Oosterbeekse schilderschool, en een vleugje literatuur van Klikspaan.  

 

[Beeldverhaal: https://www.jansiemonsma.nl/451949151]            

 

Gepost: 9 Maart 2022

 

Klompenpaden: Rosandepad (13 km)