FIETSEN: Midden-Drenthe

Dan denk je dat de natuur volop aan bod komt in een fietsroute van Natuurmonumenten in Midden-Drenthe, maar dan ligt de nadruk in de routebeschrijving op twee landgoederen, een kunstgalerie, een theeschenkerij, een natuurkampeerterrein, een zalencentrum en twee molens.

Toch gaat het Natuurmonumenten vooral om het Mantingerveld. Voorheen versnipperde natuurgebiedjes zoals het Balingerzand, Mantingerzand, Groote Veld, Hullenzand en Lentsche Veen zijn met succes tot een groter geheel  aaneengeknoopt.

Een andere troef van de gemeente Midden-Drenthe is museumdorp Orvelte, maar dat ligt vandaag niet op mijn route. En dat is nauwelijks een gemis, want delen van de esdorpen Zwiggelte, Garminge, Balinge en Mantinge doen er weinig voor onder. Zo vermijd ik bovendien dat ik bij Orvelte fonetisch herinnerd word aan Orwell met zijn onaangename dystopische ‘1984’ en ‘Animal Farm’, maar blij word in Zwiggelte bij de gedachte aan Zweinstein, en in Balinge aan Bilbo Balings.    

Ik start op dinsdag, 23 november 2021, in gemeente hoofdstad Beilen bij de Dikke Boom, een majestueuze zomereik, zo’n tweehonderdzestig jaar oud, kortom ‘de keuning van de ieken’. De gemeente Midden-Drenthe strekt zich uit aan beide zijden van de A28, maar ik blijf aan de oostkant.          

In noordelijke richting fiets ik door akkerbouwland waar hopen fabrieksaardappelen liggen opgeslagen onder dekzeil, grote hopen van grote boeren, kleine hoopjes van keuterboeren. Het broeit onder de aardappelen. Wanneer de ochtendzon de hopen verwarmt, stijgen dampen op vanonder het poreuze tentdoek.

Ik passeer het Oranjekanaal, eertijds (1861) gegraven om de Drentse veengebieden te ontwateren en de turf af te voeren, maar het kanaal is weinig gebruikt door misrekeningen over de afwatering. De vele zwerfkeien die bij het graven werden gevonden brachten ook al weinig op bij gebrek aan hunebedbouwers. Langs het vijftig kilometer lange Oranjekanaal ligt in het westen dorp Oranje met Speelstad Oranje (in de voormalige aardappelfabriek Oranje), en helemaal in het oosten Oranjedorp. Onderweg passeer je ook Orvelte.

Ik raak aan de zuidelijke grens van het Nationaal Landschap Drentsche Aa dat om het Nationaal Park Drentsche Aa heen ligt. In dit Nationaal Landschap ligt iets noordelijker de Boswachterij Hooghalen met Kamp Westerbork en het Herinneringscentrum. Maar als ik al in de buurt zou komen, zou ik daar tijdens deze fietstocht geen recht aan kunnen doen.

Bij Zwiggelte passeer ik het Oranjekanaal in omgekeerde richting bij één van de vier sluisjes en vergaap me in het dorp aan de vele oude boerderijen met rieten dak.

Steeds vaker zie je op grote erven van landhuizen een soort duiventil, maar dan voor huiszwaluwen, met prefab nestjes onder een afdak. Ik fiets door het dorp Westerbork, maar dat ligt dus een stuk zuidelijker dan het beruchte kamp. Op de brink van Westerbork heeft men alle zwerfkeien verzameld die men in de omgeving kon vinden (uit het Oranjekanaal?), maar ze zijn allemaal te klein voor een hunebed.

Bij buurtschap Eursinge ben ik getuige van de machinale oogst van suikerbieten. Bieten kunnen blijkbaar wat meer hebben dan fabrieksaardappelen, want ze worden open en bloot op een hoop gegooid in een hoek van de akker tot ze worden opgehaald door de suikerfabriek.

De dorpen Garminge en Balinge vormen samen met Mantinge (waar ik straks nog doorheen kom) de Broekstreek, eertijds een moerassig gebied met broekbossen. De namen van de dorpen zijn ontleend aan de eerste bewoners (Bilbo Balings dus!). In Balinge staat beeld De Pionier, volgens het plaatje bestaande uit drie onderdelen, de boer achter zijn werktuig, getrokken door een briesende os. Alleen het werktuig (ploeg?) van de pionier staat op zijn plaats, de boer en zijn briesende os zijn waarschijnlijk in onderhoud.

In de Broekstreek ontspringt het Oude Diep, dat vóór de vervening rustig naar Meppel meanderde. De beek werd gekanaliseerd om water efficiënt af te voeren, en nu weer gedekanaliseerd om water effectief vast te houden (‘Oude Diep’. In: Eigen land laatst!, 2021).

Langs de route trekt natuurcamping ‘Voscheheugte’ mijn aandacht, of beter gezegd: de boomhut bij het restaurant die ‘Borrelheugte’ is gedoopt. Ik bereik de noordoostelijke punt van het Mantingerveld (Balingerzand) en kijk uit over heide met veel struiken jeneverbes.

Voor even verwissel ik de gemeente Midden-Drenthe voor de gemeente Coevorden. Ik fiets door de Mepperdennen – een naaldbos op stuifduinen – en het dorp Meppen naar Aalden, langs de Jantine Hellingmolen, waarschijnlijk vernoemd naar de dochter of kleindochter van de molenaar. Vóór de molen wordt in een grote akker iets ingezaaid – ik denk bloembollen (lelies?) – door een opvallende plantmachine van Pink Innovations uit Noord-Holland, de compleet roze gekleurde ‘Pink Planter’. Ook Oud-Aalden bestaat uit prachtige oude boerderijen, allemaal met rieten dak en veel rieten vlechtwerk in de wanden.

Bij Zweeloo zuidwaarts door het lintdorp Benneveld. Ik moet even denken aan het opdreun rijtje ‘Mantingerveld, Balingerveld, Groote Veld, Kleine Veld, Beneveld’, maar terwijl ‘Beneveld’ niet in het rijtje past, doet Benneveld dat wel.     

In Oosterhesselen staat een bijzondere kerk uit de vijftiende eeuw, de toren los van het koor. Ooit zat er een verlaagd schip tussen toren en koor, maar daarvan is een deel verloren gegaan in 1592 bij het Beleg van Coevorden door Maurits van Nassau tijdens de Tachtigjarige Oorlog.

In esdorp Gees is de melkfabriek omgebouwd tot restaurant, zoals op vele plaatsen is gebeurd. De Wolfskuylen is een moerassig beekdal van het Loodiep/Geeserstroom met veel dooie bomen. Het Fietsmaatjespad loopt erlangs en doorheen. Vervolgens de Boswachterij Gees met bos, heide en moeras. Lariksen kleuren opvallend goudgeel in het bos.

Nieuw-Balinge ligt aan de zuidkant van het Mantingerveld. Hier fietste ik al eens op een mistige dag langs het Lentsche Veen, waarvan ik me met name de landgeiten herinner met prachtige hoorns (‘Hoogeveen’. In: Eigen land laatst!, 2021). Ik fiets door het Mantingerveld langs een uitgestrekt jeneverbesbos naar Mantinge. Onverwacht kom ik in Mantinge een onderdeel tegen van De Pionier. De ‘boer’ is helemaal niet in onderhoud. De drie delen van De Pionier – werktuig, boer, briesende os – staan onafhankelijk van elkaar in de drie dorpen van de Broekstreek. In Garminge heb ik blijkbaar de ‘briesende os’ gemist.

Via buurtschappen Bruntinge en Holthe rijd ik terug naar Beilen, langs een enigszins verwaarloosde molen in een buurtschap dat Makkum heet, niet te verwarren met het Friese Makkum van het beroemde aardewerk. Waar is Beilen ook alweer bekend van, afgezien van ‘de keuning van de ieken’? Deze enorme fabriek natuurlijk, de DOMO melkpoederfabriek.

 

[Beeldverhaal: https://www.jansiemonsma.nl/451230836]

 

Gepost:  3 December 2021

 

Natuurmonumenten Fietsroute Natuur bij Mantinge: 01 (Beilen), 15, 05, 11, 19, 90, 91, 99, 60, 61, 69, 68, 67, 72, 71, 70, 88, 86, 81, 83, 66, 18, 62, 64, 27, 26, 49, 48, 01 (67 km)