FIETSEN: Gelderse Vallei

Dinsdag, 19 oktober 2021, is weer zo’n dag met nul procent regen en nul procent zon. Het gevolg is dat vriend Jan en ik vijf uur lang in de motregen fietsen, maar gelukkig eindigen we met een uurtje zonneschijn. De temperatuur is overigens aangenaam, dus kou hebben we niet hoeven lijden.

Er rust dus geen zegen op deze dag ondanks onze start in Terschuur bij de Sionskerk van de Hersteld Hervormde Gemeente. Met oplopende Corona gevallen in de Bijbelbelt proberen we nog eens de vaccinatie filosofie te begrijpen. Niet vaccineren (want je bent nog niet ziek), maar wel behandelen als je ziek wordt (in een aantal gevallen tevergeefs). Dat is hetzelfde als bewust geen regenpak meenemen (want het regent nog niet), maar snel een paraplu kopen als het gaat regenen (alleen ben je dan vaak al drijfnat).   

Het plan is om vandaag de Gelderse Vallei te doorkruisen in een grote boog om ‘hoofdstad’ Barneveld heen. We fietsen dan ook in het stroomgebied van de Barneveldse Beken, die uiteindelijk samenvloeien en uitstromen op het Valleikanaal bij Leusden en Amersfoort. De belangrijkste onderdelen zijn – van noord naar zuid – Hoevelakense Beek, Esvelderbeek, Barneveldse Beek en Modderbeek.

Over de Hoevelakense Beek fietsen we via Zwartebroek en buurtschap Appel naar Voorthuizen. Meteen een mooie landelijke route. In plaats van de algemenere groenbemester gele mosterd komen we hier bladrammenas tegen met witte bloemen, een beetje paars geaderd. Langs de weg een luxe bijenhotel met een daktuin van vetplantjes. Appel & Co moeten tenslotte te zijner tijd wel bestoven worden.

In Voorthuizen passeren we een huis met de naam ‘Heksenmeyer’ in de gevel, gewoon omdat daar de dames Heksenmeyer hebben gewoond. Uiteraard werden de dames door de jeugd als heksen beschouwd. Voorthuizen heeft een aardig centraal pleintje met rondom gezellige verwarmde horeca terrassen. Een terrasbord geeft een waarschuwing af: ‘Speciaal voor de liefhebbers hebben wij vandaag alleen maar vrolijke mensen aan het werk’. Daardoor kunnen we de verleiding van goede koffie met appeltaart niet weerstaan, terwijl we nog maar net op pad zijn.

Bij een vollegronds groentekweker staat op het veld een vrij hoge ons onbekende plant. We spreken de teler aan die zijn sla aan het oogsten is en aan het inpakken voor de veiling. Hij weet ons te vertellen dat het de yacon is uit de Andes, ook wel appelwortel genoemd, verwant aan de aardpeer en de zonnebloem. De wortels worden rauw of gekookt gegeten en zijn rijk aan inuline. Smallanthus sonchifolius is de wetenschappelijke achter- en voornaam. Nooit eerder van gehoord.

Zuidelijk van Voorthuizen ligt de grote recreatieplas Zeumeren, een resultante van zandwinning voor de wegenbouw. We kruisen die ‘zandweg’ (A1) en gaan tussen de scharrelkippen in een grote boog om Barneveld heen, langs een enorme vuilnisbelt in buurtschap Harselaar. Door een wegomlegging missen we de Dutch cricketfarm, en ik had nu juist zo’n zin in een potje cricket… meel. Op deze krekelboerderij – daar hoef je de Arbeidsvitaminen niet aan te zetten – worden insecten gekweekt die vermalen in ons voedsel worden verwerkt. Het zou een belangrijke component van de eiwittransitie kunnen zijn, alleen krijg je de vegetariërs niet mee.

Een producent van diervoeders prijst langs de weg zijn goederen aan op een reclamebord met een variatie op het beeld van de ‘Bremer Stadsmuzikanten’: geen ezel, hond, kat en haan boven op elkaar, maar een nog indrukwekkender piramide van paard, rund, alpaca, schaap en konijn.

Bij Kootwijkerbroek is een aanzienlijk weidegebied omdijkt. Het lijkt op een waterretentiegebied voor het geval de Veluwse beken het op hun heupen krijgen, maar de dijk wordt nergens nader verklaard.

We passeren achtereenvolgens de Esvelderbeek en de Barneveldse Beek en enkele kleinere zijbeken. De brug over de Barneveldse Beek is een leuke plek om even te stoppen voor de lunch. Bruintje Beer (BB bij de BB) zit onder een paraplu op een bankje te genieten van de vistrap naast de stuw, terwijl wij een uitstalling van pompoenen en kalebassen in allerlei vormen en maten kunnen bewonderen. Een poes komt ons gezelschap houden omdat we zitten te eten, maar we verwijzen haar door naar de vistrap. Bij Meulunteren zien we de Veluwse stuwwal met de Goudsberg opdoemen.

Na het kruisen van de Valleilijn (spoorlijn Amersfoort – Ede-Wageningen) staan in een omheind hoekje op het erf van een boerderij twee beeldhouwwerken onder enkele bomen. Ik krijg meteen de associatie van twee grote paddenstoelen in het bos. Er staat een bordje bij: Ulay. Frank Uwe Laysiepen, alias Ulay (1943–2020), was een beroemde grondlegger van de ‘performance art’. Deze twee beelden in niemandsland zouden van hem afkomstig zijn, maar ik kan er helemaal niets over vinden. Laat me weten als het geen grap is.     

Na het kruisen van de A30, passeren we de Walderveense Molen, en komen in de streek waar vriend Jan kind aan huis is omdat hij er geboren is (Hamersveld). Bovendien is het gebied blijvend gekoloniseerd door broers, ooms, neven en achterneven. Dat is erg verwarrend, want hij weet steeds beter de weg dan de routebeschrijving. Met het gevolg dat we in De Glind terechtkomen in plaats van Achterveld. Uiteindelijk zitten we bij buurtschap Snorrenhoef weer op de goede weg. Maar in de Bijbelbelt heeft ‘deus’ met elke omweg een bedoeling, want hierdoor zien we wel een flinke groep reeën door de weilanden rennen. We passeren enkele malen de Modderbeek waar het prachtig wandelen is (‘De Glind’. In: Eigen land laatst!, 2021).

Op de plaats van de meelfabriek Wolswinkel stond ooit een standerdmolen en later een stellingmolen, Zandbrinkermolen genaamd, notabene afkomstig uit Amsterdam waar hij plaats moest maken voor theater Carré. In de oorlog is de molen verloren gegaan tijdens de gevechten langs de Grebbelinie. Toch werpt de molen nog steeds een schaduw over de omgeving, omdat hij kunstzinnig in het zwart op de meelfabriek is afgebeeld. 

We bereiken de brug over het Valleikanaal aan de oostkant van Leusden. Vriend Jan meldt dat hij hier tijdens zijn jeugd niet graag kwam, want het stonk er als een riool omdat het Valleikanaal het afvalputje was van Veenendaal.

Hier ligt de Asschatterkeerkade, een steunkade om het inundatiewater in goede banen te leiden. Daardoor werd het een voorpost van de Grebbelinie, die hardnekkig verdedigd moest worden en daarom flink was versterkt met kazematten en loopgraven. Enkele van die loopgraven zijn recentelijk in ere hersteld.

We fietsen een eind op het Jaagpad langs het Valleikanaal. De Modderbeek voegt zich hier bij het kanaal. In de verte de Lange Jan, de vrijstaande Onze Lieve Vrouwetoren in het centrum van Amersfoort. Dan in de zuidoostelijke hoek van knooppunt Hoevelaken door de nieuwe natuurgebiedjes De Schammer en Bloeidaal. Het vrij nieuwe treinstation Hoevelaken van de Valleilijn steekt daar opvallend bovenuit.

We nemen even een kijkje bij ‘Kasteel’ Stoutenburg. Ik moet meteen denken aan Kasteel Toutenburg in Vollenhove en aan de follie Olt Stoutenburght in Blesdijke (‘Land van Vollenhove’. In: Siem Sing a Song, 2020), maar Kasteel Stoutenburg heeft er niets mee te maken. Het kasteel werd verschillende keren afgebroken en weer vervangen. In 1594 kwam de Heerlijkheid in bezit van Johan van Oldenbarnevelt. Op het landgoed komen we langs enkele oude verstrengelde eiken die zich als Adam & Eva door het levenseinde worstelen, uit alle macht in leven gehouden omdat ze zijn aangeplant ter nagedachtenis aan Johan van Oldenbarnevelt. Even verder een gigantische beuk die ook levensmoe is en zich al heeft overgegeven aan palliatieve sedatie door een populatie paddo’s over de hele lengte van de stam.

Aan de noordkant van Achterveld ligt buurtschap ’t Jannendorp. Dat kunnen Jan en Jan niet zo maar voorbij laten gaan. We fietsen erdoorheen en groeten alle bewoners op straat met “Dag Jan, groeten van Jan en Jan”.

Vóór de finale oversteek van de A1 komen we nog langs een eeuwenoude standerdmolen Den Olden Florus, vernoemd naar de laatste eigenaar/molenaar die ook nog eens Mulder heette van achternaam.

We zijn terug in Terschuur en besluiten een pannenkoekje te gaan eten in Restaurant De Tolboom om het spitsuur te overbruggen. Vriend Jan heeft gister honderd kilometer gefietst van Antwerpen naar Breda, vandaag dus met mij vijfenzestig kilometer. “Geen last van zadelpijn?” “Nee, als je billen maar goed schoon zijn, anders krijg je een schrale kont.” Smakelijk eten! Pas bij het verlaten van het Pannenkoekenhuis beseffen we dat we helemaal niet gevraagd zijn om onze vaccinatie QR-code te tonen. Aan die flauwekul doen ze niet mee in de Bijbelbelt.

 

[Beeldverhaal: https://www.jansiemonsma.nl/450977397]

 

Gepost: 3 November 2021

 

Mooisteroutes.nl: Ruim rond Barneveld (60 km)