SELFIES: HB, HH en HL

Michaeliskerk Hamburg

Op 26 juli 2021 zijn Marita en ik in Bremen, op 28 juli in Hamburg en op 2 augustus in Lübeck.

 

Hanzestad Bremen (autokenteken HB) is een overzichtelijke stad met een half miljoen inwoners. Het ligt een flink stuk binnenlands langs de rivier de Wezer en heeft zijn haven dan ook dichter bij de monding in de Noordzee gepositioneerd: Bremerhaven. Het doet denken aan Delfzijl met de Eemshaven.

Ons hotel ligt ongelukkigerwijs naast het Centraal Station en dat betekent veel ‘wheeling and dealing’ (vooral het laatste) op de stoep voor het hotel. Het grote aantal zwervers en daklozen in de stad is opvallend (veel meer dan in onze grote steden); je wordt regelmatig om een aalmoes gevraagd. 

Het meest interessante deel van de stad en behapbaar in een dag is het (schier)eiland tussen Wezer en stadsgracht met de oude stad (Altstadt) en de alleroudste wijk Schnoor. De Marktplaats is een pareltje met het Oude Stadhuis (baksteengotiek!), de Dom van Bremen, de Onze-Lieve-Vrouwekerk, het Gildehuis, het zes meter hoge beeld van Roland, dat sinds 1404 het vrijheidssymbool van de stad is, en het beeld van de Bremer Stadsmuzikanten uit 1953. Het Nieuwe Stadhuis detoneert volledig in deze omgeving.

Noem Bremen en men heeft het meteen over de Bremer Stadsmuzikanten. Het beeld van de ezel, de hond, de kat en de haan bovenop elkaar is zeker mooi, maar het Middeleeuwse sprookje is vrij arbitrair door de gebroeders Grimm in 1812 in Bremen gepositioneerd. Het enorme beeld van Roland (rechterhand van Karel de Grote) karakteriseert Bremen veel beter, en is met het Oude Stadhuis Unesco Werelderfgoed.

Via de bijzondere Böttcherstrasse (baksteenexpressionisme!) uit de jaren dertig van de vorige eeuw, met het vergulde reliëf van de ’Lichtbrenger’ (Hitler?) en een porseleinen carillon hoog tussen twee geveltjes, bereik je de boulevard van de Wezer met vele ‘Biergarten’ en eettentjes.  Aan de kade ligt zelfs een ‘Pannekoekschip’. Tussen de bakstenen van de kademuur groeien grote plukken van de gele helmbloem (baksteenbloem!). We eten lekker, maar niet Duits, wel Mexicaans en Vietnamees. Hapje tussendoor is ‘Süsse Mariella’, een kruising tussen pannenkoeken en poffertjes.

Langs de stadsgracht op het (schier)eiland van de ‘Altstadt’ bevindt zich een stadspark dat duidelijk op een tiental voormalige bastions is gelegen. Op één van de bastions staat een prachtige molen (zelfkruier) met een bloementuin ervoor.

             

Hanzestad Hamburg (autokenteken HH)! Dat is andere koek dan Bremen. Wereldhaven aan de Elbe en wereldstad met bijna twee miljoen inwoners, de tweede stad van Duitsland. Hotel Crowne Plaza Hamburg is beter gesitueerd dan het hotel in Bremen, maar om een of andere reden (personeelstekort door Corona?) houden de hotels hun bar en restaurant dicht (behalve voor ontbijt), terwijl elders in de stad alle horeca open is.

Ons hotel ligt in de wijk St. Georg, vernoemd naar Sint-Joris (die van de draak), en nu bekend van een grote lhbtiq+ gemeenschap. ‘Lange Reihe’ is een gezellige lange straat met veel winkeltjes en horeca. Hier wordt jaarlijks de Gay Pride gehouden, dit jaar in afgeslankte vorm (zonder parade) van 24 juli – 8 augustus, nu dus! De afgeslankte vorm heeft wel geleid tot de actie ‘Hamburg zeigt Flagge’ en de hele stad hangt dan ook vol met regenboogvlaggen.

De Alster is een zijrivier van de Elbe en verbreedt zich in de binnenstad in het Alstermeer (Außenalster &  Binnenalster). Vlakbij het Binnenalster, compleet met fontein en knobbelzwanenkolonie, ligt het kolossale ‘Rathaus’ en enkele mooie winkelarcades vlak langs het water.

Richting havengebied bezoeken we eerst de prachtige Michaeliskerk in barokstijl, met hoge toren op een heuvel, voorheen een baken voor de zeelui die op Hamburg voeren. De kerk hangt vol met reddingsboeien van schepen. Wil je het onderhoud van de kerk steunen? Adopteer een reddingsboei. We beklimmen de toren (met de lift) voor een prachtig uitzicht over stad en havengebied.

Hamburg heeft net als Bremen met de getijden van de Noordzee te maken. Het complex ‘Landungsbrücken’ is dan ook verbonden met drijvende steigers die meebewegen met het tij.

We boeken een rondvaart door het havengebied. Net als in Amsterdam het oostelijk havengebied met zijn talrijke oude pakhuizen woonbestemming heeft gekregen, wordt in Hamburg op de rechteroever van de Elbe de ‘Hafencity’ ontwikkeld. We varen door de nauwe kanalen tussen de pakhuizen van ‘Speicherstadt’, deels omgebouwd tot appartementen en musea, deels in gebruik als kantoor of opslagloods. Vanwege goede bewaaromstandigheden ligt hier de wereldvoorraad aan Perzische tapijten opgeslagen. Misschien zit er wel een ‘vliegend tapijt’ tussen, want we zien tussendoor ook een kantoor van het musicalbedrijf ‘Stage Entertainment’ van Joop van den Ende. Op de andere oever van de Elbe liggen hal en tent van de musicals ‘Pretty Woman’ en ‘Lion King’. De trots van de ‘Hafencity’ is het concertgebouw ‘Elbphilharmonie’, hoewel de kosten voor de belastingbetaler minstens tien keer hoger zijn uitgevallen dan begroot, zoals te doen gebruikelijk bij prestigeprojecten.

Mijn oog valt op een sticker met Friese pompeblêden op de leuning van een loopbrug in ‘Speicherstadt’. Alleen de tekst ‘www.bernlef.com’ begrijp ik niet. Thuis blijkt dat het een sticker is van de ‘Fryske Feriening foar studinten yn Grins’ (Friese Vereniging voor Studenten in Groningen). Maar waarom Bernlef genaamd, het pseudoniem van schrijver Marsman? Zowel de studentenvereniging als Marsman blijken de naam Bernlef te hebben ontleend aan de blinde Friese bard Bernlef uit de achtste eeuw, die rondtrok in de noordelijke provincies en de oorlogen van de Friese koningen bezong. Het verhaal gaat dat missionaris Liudger hem genas van zijn blindheid en dat hij daarna alleen nog maar psalmen zong. Maar dit terzijde. Het bestuur (of één enkel fanatiek lid) van de F.F.J. Bernlef heeft dus een werkbezoek aan Hamburg gebracht en gemeend sporen te moeten achterlaten.  

We wandelen naar de ‘Beatles-Platz’, met de silhouetten van de vier Beatles bij elkaar, en de vijfde Beatle op gepaste afstand. Ik was alweer vergeten dat de carrière van de Beatles in 1960 begon in Hamburg. Bij de ‘Beatles-Platz’ begint de ‘Reeperbahn’ in St. Pauli, de Wallen van Hamburg (al zijn het geen wallen).

We eten Italiaans aan de ‘Lange Reihe’ in St. Georg. Een echte Italiaan met Italiaanse obers. Als ze niet spontaan een fooi krijgen, dan vragen ze er wel om! We eten ook nog een keer een Spaans tapas menu, maar ook de buitenlandse keuken is niet altijd een succes: te veel vlees, te weinig groenten.

Hamburg verdient ruim de tijd!

 

Hanzestad Lübeck (autokenteken HL) is van bescheiden omvang (200.000 inwoners) en ligt aan de monding van de Trave, een rivier die uitmondt in de Oostzee (bij Travemünde, vanwaar veerboten oversteken naar Scandinavië). De ‘Altstadt’ wordt doorsneden door de Trave. Ten westen daarvan ligt de stadsgracht met contouren van oude bastions. Aan de oostzijde stroomt het Travekanaal, waar vroeger de moerassen lagen van zijrivier de Wakenitz. Zo was de oude stad goed te verdedigen. Er zijn nog twee stadspoorten behouden gebleven: in het noorden de ‘Burgtor’ en in het westen de prachtige ‘Holstentor’. Vlakbij de ‘Holstentor’ liggen langs de Trave enkele ‘Salzspeicher’, zoutloodsen, want zout uit de zoutmijnen van Lüneburg was één van de belangrijkste troeven van Hanzestad Lübeck. Tegenwoordig is dat marsepein! Het ‘Rathaus’ (waar vele vergaderingen van het Hanzeverbond plaatsvonden) en de ‘Marienkirche’ (beide baksteengotiek!) zijn de meest indrukwekkende monumenten, al maakt het Marktplein een wat rommelige indruk door latere aanpassingen in stijl.

Tijdens een rondvaart op de Trave zijn alle kerktorens (Mariakerk, Jacobuskerk, Petruskerk, Dom) nog een keer te bewonderen, alsmede in de haven de  ‘Lisa von Lübeck’, de traditionele Hanzekogge van de stad, weer heel anders van bouw dan de Kamper Kogge.

De ‘Burgtor’ was ooit de onneembare toegangspoort tot de stad. Het hoofdgebouw van de burcht huisvest nu het interessante Europese Hanzemuseum, bijgebouwen werden onderdeel van een klooster van de Benedictijnen. Er staat een gigantisch biechtgebouw, mogelijk gemaakt door donaties van gelovigen ten tijde van de grote pest epidemie in de veertiende eeuw. Door donaties en biecht hoopte men de Zwarte Dood, maar in elk geval hel en vagevuur te ontlopen.

Voor even scheiden de wegen van Marita en mij; zij inkopen doen in de marsepein stad, ik een wandeling in het stadsgroen om de ‘Altstadt’ heen. Ik kom op de oever langs het water een mooie populatie tegen van de moesdistel, hier vrij algemeen, maar in Nederland vrij zeldzaam (slechts éénmaal gezien bij Stein in Limburg).   

 

[Beeldverhaal:  https://www.jansiemonsma.nl/450268837]

 

Gepost: 17 Augustus 2021