FIETSEN: Hollandse Duinen

De Nationale Parken Oude Stijl – we hebben er een stuk of twintig – zijn in het algemeen klein van oppervlak, met uitzondering van NP Oosterschelde. Het eerste Nationale Park Nieuwe Stijl stamt uit 2018 en is het NP Nieuw Land, bestaande uit de Oostvaardersplassen, de Marker Wadden en een deel van het Markermeer. ‘Nieuwe Stijl’ houdt in: groot en samenhangend, met waardevolle natuur, landschap en cultuurhistorie, iconisch voor bezoekers en een duidelijke eigen identiteit. Hier voldoet het tweede beoogde NP Nieuwe Stijl ‘Hollandse Duinen’ zeker aan. Het omvat bijna de gehele kuststrook van Zuid-Holland, van Hoek van Holland tot aan de provinciegrens met Noord-Holland. De aanvraag bij de Overheid loopt nog.

Het deelgebied tussen Den Haag en Katwijk wordt grotendeels beheerd door waterleidingbedrijf Dunea. Net als in de waterleidingduinen van Amsterdam wordt rivierwater aangevoerd, in dit geval uit de Afgedamde Maas, om door het duinzand gefilterd te worden en om de ondergrondse zoetwaterbel op peil te houden voor dorstige Hagenezen. Het zuidelijke deel van het gebied is het bekende natuurgebied Meijendel.

Marita en ik maken van een kort verblijf in het Haagse gebruik om in het gebied te fietsen en te wandelen. Op vrijdag, 11 juni 2021, een fietstocht.      

De bermen in de buurt van ons hotel staan vol met bloeiende morgenster, althans ’s morgens. Richting Wassenaar fietsen we door Landgoed De Wittenburg, dat een imitatie kasteel herbergt met een rijke historie en is gebouwd ‘op Indische suiker’. Architect was de bekende Johannes van Nieukerken (1854–1913). Ik kwam hem al eens tegen in het oosten van het land, in Joppe, waar hij een ‘Huis te Werken’ had.

We kunnen even genieten van vlaggende ambassades, chique ambassadeurswoningen en donkere dienstauto’s met CD. Ons oog valt op villa Schouwenhoek, met topgevels gedecoreerd met terracotta panelen met Indische motieven.

We fietsen langs de buitenrand van natuurgebied Meijendel (‘see you tomorrow!’) en bemoeien ons even met de flora. In Limburg heeft vriend Roel me wel eens gewezen op het bladrozet van de veldhondstong (‘Savelsbos’. In: Siem Sing a Song, 2020), maar hier staat de plant in overvloed en nu in bloei en in vrucht: aan de vertakte bloeistengels hangen purperrode bloempjes en vierdelige groene splitvruchtjes. Veel slangenkruid ook, rolklaver en af en toe wat planten kompassla. Over de grond kruipt het duinroosje, overvloedig bloeiend. Opvallend zijn de talrijke oranje sporenhoopjes van een roestschimmel, vooral op bloemdelen en bottels.

De Bourdonklok van de Waalsdorpervlakte is zichtbaar vanaf het fietspad. Hier worden elk jaar op 4 mei de verzetsmensen herdacht die door de Duitsers in de duinen zijn gefusilleerd, zo’n tweehonderdvijftig. Ook nu wordt er geschoten. Hoe kun je nu zo dicht bij deze sacrale plek een vergunning afgeven voor een kleiduivenschietvereniging?

We stoppen even bij de informatieborden aan het Pieter Kuijtpad. Pieter Kuijt (1892–1972) uit Katwijk was helmgrasplanter en had zodoende toegang tot het ‘sperrgebiet’. Hij heeft tijdens de oorlog met gevaar voor eigen leven de verse graven van de gefusilleerde verzetsmensen gemarkeerd met helmgras, zodat ze na de oorlog konden worden teruggevonden en geïdentificeerd. Een andere fietser herinnert ons nog even aan de ter dood veroordeelde SS’er Philippa die zich van 1945–1974 verborgen wist te houden op de zolder van zijn ouders in Den Haag. Diederik van Vleuten maakte er recentelijk de voorstelling ‘De onzichtbare man’ over.

Aan de rand van Den Haag komen we langs het imposante nieuwe onderkomen van het Internationaal Strafhof van de Verenigde Naties. De bermen staan vol blaassilene, dagkoekoeksbloem, salomonszegel en kleine pimpernel.

In de duinen komen we de eerste bomen tegen die volledig ingepakt zijn door het gemeenschappelijke web van de rupsen van een stippelmot (spinselmot). De meeste stippelmotten worden vernoemd naar hun waardplant, zoals de appelstippelmot, de wilgenstippelmot en de meidoornstippelmot. Na enige tijd raken we ervan overtuigd dat de we hier met de kardinaalsmutsstippelmot te maken hebben, omdat het vooral deze struik is die het moet ontgelden.     

We bereiken de bijzondere watertoren van Scheveningen uit 1874. In het gras rond de toren groeit het piepkleine rood guichelheil met opvallende oranje-rode bloempjes, als ook de veel uitbundiger wilde reseda. En er wordt koffie met appelgebak geserveerd ‘Onder de Watertoren’.

Dan volgt een prachtig mooi fietspad achter de zeereep richting Katwijk. We hoeven de bermen van het fietspad maar een beetje in de gaten te houden om allerlei interessante planten tegen te komen. Zoals een veldje dat vol staat met orchideeën van de groep handekenskruid (rietorchis, brede orchis, gevlekte orchis, vleeskleurige orchis), met ertussen gewone vleugeltjesbloem en stijve ogentroost. Is stijve ogentroost nog een halfparasiet (op grassen), de bermen staan vol met de obligate parasiet bremraap, vermoedelijk de walstrobremraap. In zijn onmiddellijke omgeving staan altijd kleine planten van geel walstro. Iedere keer wanneer we van de fiets stappen om plantjes te bekijken zorgt de nachtegaal voor de muzikale omlijsting. Het is in de duinen werkelijk een orkest van nachtegalen.  

We passeren de strandopgang Wassenaarseslag bij het prachtig gelegen Hotel Duinoord en gaan verder richting Katwijk. Grote plakkaten muurpeper beginnen te bloeien en ook heggerank klimt of kruipt op vele plekken. We zitten wat dichter bij de zeereep en zeemist hangt over het weidse duinlandschap. We denken vlakbij Katwijk een ‘fata morgana’ in de duinen te ontwaren, maar het is de Universel, een Soefi Tempel. De stichter van de Internationale Soefi Beweging, Hazrat Inayat Khan, trok begin twintigste eeuw door Europa en Amerika en leidde zomerscholen in het christelijke Katwijk, ‘of all places.’

Ook de watertoren van Katwijk is van een bijzonder kaliber, stammend uit dezelfde bouwperiode (1878) als de watertoren van Scheveningen.

De terugweg naar ons hotel loopt wat meer door de binnenduinen en is bepaald minder aantrekkelijk dan de heenweg. Grote vlaggen markeren de toegangsweg naar de hangar van ‘Soldaat van Oranje’ op de voormalige vliegbasis Valkenburg. Opvallend nog een veld met de reuzen-sierui, die binnenkort prachtig gaat bloeien met zijn paarse bol, tien centimeter in doorsnee, op tachtig centimeter lange bloemstelen.

Interessant gebied, dus de Hollandse Duinen mogen wat mij betreft wel tot NP worden gebombardeerd, onder voorwaarde dat de Kleiduivenschietvereniging bij de Waalsdorpervlakte wordt opgeheven.         

 

[Beeldverhaal: https://www.jansiemonsma.nl/449775788]

 

Gepost: 23 Juni 2021

 

Knooppunten: 58, 54, 46, 44, 35, 36, 39, 40, 41, 97, 96, 93, 43, 47, 46, 54, 58 (40 km).