WANDELEN: Alblasserdam

Nijdige grutto

Het is vrijdag, 28 mei 2021, de eerste warme dag van een wat langere mooiere periode. Het werd wel eens tijd.

Een wandeling in het westelijke deel van de Alblasserwaard met start aan de rand van Alblasserdam bij de V.T.V. (Volkstuinvereniging) aan het Buitenpad. De tuinders hoeven niet ver te lopen met hun gietertje, want de groentetuintjes worden aan alle kanten omgeven door sloten. Al het water van de Alblasserwaard verzamelt zich immers in het westelijke deel. Ik kan de molens van Kinderdijk op enige afstand zien liggen, maar die staan er voor de show. Het echte werk – overpompen van het overtollige water naar de Lek – wordt gedaan door het J.U.Smit Nederwaard Gemaal en het G.N.Kok Overwaard Gemaal. Buurman Gerrit Kok was bij leven Dijkgraaf van Waterschap Rivierenland.

Via een mooie lange houten brug steek ik het Nieuwe Waterschap / Nederwaard kanaal over, de afwatering ten behoeve van het zuidelijke deel van de Alblasserwaard. Vanaf de brug uitzicht op de Kortlandse Molen en een dode wilde eend in het water.

Ik zit meteen op een tiendweg tussen twee sloten. Een flink deel van mijn route vandaag gaat over historische tiendwegen, smalle veenkades, waarschijnlijk daterend uit de tijd van de verveningen in de late Middeleeuwen. Deze dijkjes worden nogal eens gebruikt door zwanen om te broeden, en dan kan de passage riskant zijn. We zien het wel. In elk geval heeft het Waterschap geen waarschuwing geplaatst op deze eerste tiendweg, die dicht begroeid is met groot hoefblad en zwarte els. De gele lis bloeit langs de sloot tussen verschillende soorten gras en zuring. Midden op het pad liggen bij elkaar een aantal losse veren en enkele gigantische drollen, vijf centimeter in diameter. Van wie zijn die veren en van wie zijn die drollen? Geen idee.

Een bootje komt me in één van de twee smalle weteringen tegemoet. Ik vraag de schipper wat hij aan het doen is. Achter het bootje hangen snijmessen in het water die ervoor zorgen dat de onderwater vegetatie versneden wordt zodat de sloten niet dichtgroeien.

Naast een overvloed aan raapzaad, fluitenkruid en smeerwortel herken ik de valeriaan die op het punt staat te gaan bloeien. Hazen rennen door de omringende weilanden,  fazanten kraaien en een holenduif roept, zoals altijd, van heel verre.

Na een stukje verharde weg langs de Alblas – een riviertje van tien kilometer richting de Noord (verbinding tussen Lek en Beneden-Merwede) – begeef ik me op een tweede, zeer lange tiendweg. Ik concentreer me nog even op de plantjes. Ik zie bitterzoet met bloemknoppen, bloeiende wikke, schijfkamille en ooievaarsbek. Een eenzame wilde zoete kers is in de beginfase van de vruchtvorming. Af en toe lege doppen van gestolen eieren op het pad.

Na de kruising van de tiendweg met een landweg waarschuwt een tijdelijk bordje van het Waterschap Rivierenland: ‘Pas op! Zwaan aan het broeden. Betreden op eigen risico’. Het tiendweggetje is vanaf hier nog dichter begroeid, weinig betreden, maar ik zie wel waar het schip strandt. Ik kom midden op het pad drie lege zwanennesten tegen van vorige jaren, eentje flink bevuild met… gigantische drollen, vijf centimeter in diameter. Zozo, het zijn dus zwanendrollen. Petje af!     

Maar even verderop daar zit ze dan, op het nest, midden op het smalle pad. Daar ga ik echt niet langs, hoewel het mannetje in geen velden of wegen is te bekennen. Gelukkig kan ik via de naastgelegen weilanden een omtrekkende beweging maken.

Ik loop weer een stuk langs de Alblas, met prachtige woningen aan het water. Dan gaat het opnieuw de polder in, over een laan met forse grauwe abelen, herkenbaar aan de vorm van het blad, minder hoekig dan de witte abeel en minder rond dan de ratelpopulier (beide ouders).

Het Achterwaterschap is het afwateringskanaal ten behoeve van de Overwaard (het noordelijke deel van de Alblasserwaard). De verleiding is groot om de brug over te steken waardoor ik de route met vijf kilometer kan bekorten, maar de extra lus langs het Achterwaterschap ziet er te aantrekkelijk uit. Ik ga voor het maximale. Daar krijg ik geen spijt van. De rietkragen, het talud van de dijk en de omringende natuurweiden hebben veel moois te bieden. Het begint meteen al met een populatie orchideeën, waarschijnlijk de rietorchis of de brede orchis. Een natte veenweide staat vol met vlaggend veenpluis. Ik heb nog nooit zo veel echte koekoeksbloem bij elkaar gezien.

Eindelijk kikkers die kwaken, de kleine karekiet die zingt en de rietzangers die roezemoezen in het riet. Een koppeltje rietgors – het vrouwtje wat minder opvallend dan het mannetje –  vliegt een tijdje met me mee in de rietkragen.

En dan in de omringende weiden het onrustige gekrakeel van de weidevogels. Er zijn ook zoveel kapers op de kust, roofvogels, ooievaars (het Ooievaarsdorp van Groot-Ammers is niet ver weg), blauwe reigers, kraaien en… purperreigers! Ik krijg op twee plaatsen een purperreiger voor de lens. Ik weet dat er een broedkolonie zit in de rietvelden bij Kinderdijk, maar de vogel is erg schuw. Dit is voor mij pas de tweede observatie (de eerste keer jaren geleden bij de Zouweboezem). Mijn dag kan niet meer stuk!

Ik steek de watergang over via de fietsbrug in natuurgebied De Donkse Laagten, het poldergebied bij gehucht De Donk gelegen op een donk (zandduin).

Blijkbaar lopen er pullen in het hoge gras van de weilanden, want ik word nijdig bejegend door enkele grutto’s die een tijdje om me heen blijven cirkelen. En als ze niet om me heen vliegen, dan schelden ze me uit vanuit de top van een boom. Overal in de sloten wilde eenden, kuifeenden en futen met kuikens onder hun hoede. De gele plomp steekt zijn bloemknoppen omhoog uit het water.

Ik ben terug bij de verkeersbrug over het Achterwaterschap. Langs het fietspad  zou ene Jan Eijkelboom een gedicht over een boom hebben gemaakt, maar ik kan de boom (eik?) met de plaquette niet vinden. Het zal me ook een rooie rotzorg zijn, na alles wat ik vandaag heb gezien en gehoord.

Ik raak aan Nieuw-Lekkerland dat lekker aan de Lek is gelegen. Nog een laatste stuk langs het Achterwaterschap met koppeltjes grauwe ganzen met heel veel nageslacht. Ze houden hier in de Bijbelbelt van grote gezinnen.

Ik ben weer terug bij de V.T.V., waar halsbandparkieten de tuinders naar huis proberen te jagen met hun gekrijs, zodat ze eindelijk aan hun avondeten kunnen beginnen in de volkstuintjes.          

 

[Beeldverhaal: https://www.jansiemonsma.nl/449632555]

 

Gepost: 7 Juni 2021  

 

Mooisteroutes.nl: Achterwaterschap (23 km).