WANDELEN: Gerendal

Eénbes

Tijdens de wandeling ‘Rondom Epen’ beloofde wandelmaatje Roel me tijdens het orchideeën seizoen nog een keer mee te nemen naar het Gerendal en – zo heb ik het althans verstaan en opgeslagen in mijn geheugen – de kastelen Shalom (Schaloen) en Gnoes (Genhoes). 

Ik wist toen nog niet dat Marita ons uitje naar een hotel op Vlieland had omgeboekt naar een huisje in Schin op Geul, vanwege het uitstel in de opening van de horeca.

Dus ligt het Gerendal nu – zonder Roel – bij Schin op Geul voor het oprapen! Het dal is ook nog eens extra populair geworden sinds een ‘ghostwriter’ onder de naam Twan Huys in zijn boek ‘Wandellust’ een verhaaltje aan het Gerendal heeft gewijd.

Het Gerendal is een prachtig droogdal tussen het Geuldal en het Plateau van Margraten. Als wij vanuit ons vakantieverblijf via de achteruitgang de Geul zouden overzwemmen en over de Keutenberg klimmen, dan zouden we in het Gerendal belanden. Maar waarom moeilijk doen als het ook makkelijk kan via de natuurlijke ingang bij Strucht langs de doorgaande weg naar Valkenburg.

De wandeling is een genot met mooie vergezichten, stukjes bos en kalkgraslanden. In het talud van de holle wegen hele tapijten van bloeiend muskuskruid. Hondsdraf, meestal kort en gedrongen, heeft hier in de schaduw een respectabele lengte bereikt op weg naar de zon. In de weilanden groeit en bloeit de gulden sleutelbloem. In de bosranden klimmen vuistdikke lianen van de bosrank omhoog in alles wat ze te pakken kunnen krijgen, de jongere takken met verse bladscheuten en overgebleven vruchtpluis van vorig jaar. We worden bijna van de sokken gereden door ‘mountainbikers’, die met een rotgang naar beneden suizen. Ze mogen wat mij betreft verstrikt raken in een liaan van de bosrank. Het bos bevat veel haagbeuk en wilde zoete kers. Een rode eekhoorn zit tegen een stam aangeplakt te zonnebaden.

Ook de slanke sleutelbloem komt hier voor en salomonszegel staat al in bloei. Dankzij de wijze lessen van Roel bij eerdere gelegenheden herken ik bosbingelkruid, grote veldbies en valse salie. Overal komen de opgerolde sprieten van lelietje-van-dalen boven de grond, een aantal al met de zijdelingse, ongeopende bloeiwijze. Grote muur showt zijn witte stervormige bloemetjes.

Een bosdeel met fijnspar is er slecht aan toe. Losse schors aan de bomen en stukken schors op de grond zijn het werk van de letterzetter, een kevertje dat verzwakte bomen de genadeslag geeft.    

Een wandeling krijgt een lauwerkrans wanneer je iets voor het eerst tegenkomt. In dit geval een kleine populatie van éénbes in een vochtige, beschaduwde greppel. De eindstandige bloem is zich aan het vormen, maar nog ongeopend. Bijzonder is dat deze monocotyl viertallig is, zowel de bladeren (een krans van vier) als de bloemdelen.

We zien wel jonge scheuten van orchideeën in de graslandjes op de hellingen, maar het is nog te vroeg voor de bloei. Daar komt bij dat dit jaar vanwege Corona de orchideeëntuin van Staatsbosbeheer niet opengaat. Maar wat in het vat zit verzuurt niet.

We lopen even over het terrein van kasteel Schaloen (schaliën = leisteen), gebouwd als verdedigingsburcht in de veertiende eeuw. Het kasteel is verschillende keren van aanzicht veranderd, en dankt zijn prachtige huidige gedaante aan bouwmeester Pierre Cuypers. De kasteeltuin is dicht, maar bij de ingang staat een exotische levensboom van gigantisch formaat (Thuja plicata). Hij heet dan ook reuzenlevensboom, in tegenstelling tot de vaak aangeplante gewone levensboom.

Kasteel Genhoes (Het Huis) ligt op steenworp afstand en dateert uit de elfde eeuw. Kasteel en hoeve worden particulier bewoond en zijn slechts van een afstandje te bewonderen.

 

[Beeldverhaal: https://www.jansiemonsma.nl/449348369]

 

Gepost: 10 Mei 2021  

 

Wandelroute Va18: Gerendal (7 km).