WANDELEN: Sint-Pietersberg

Zowel ten noorden als ten zuiden van Maastricht vormt de Maas – sinds de Belgische afscheiding definitief werd in 1839 – de grens tussen Nederland en België. Behalve bij Maastricht zelve. Daar volgt de grens een westelijke uitstulping, om het dal van de Jeker heen, een rivier die zich in het centrum van Maastricht bij de Maas voegt. Blijkbaar heeft men met deze loop van de grens willen voorkomen dat Belgische kanonskogels het centrum van Maastricht konden bereiken. Het gerucht gaat ook dat de gouverneur van Maastricht zijn mooie woning – Château Neercanne, in het westen van het Jekerdal – niet wilde opgeven bij de vredesbesprekingen.

In die uitstulping ligt aan de zuidkant van Maastricht de Sint-Pietersberg met Fort Sint Pieter. Na het Rampjaar 1672, gevolgd door de verovering van Maastricht en andere delen van de Nederlanden door Zonnekoning Lodewijk XIV, liet stadhouder Willem III het fort aanleggen in 1701 om herhaling te voorkomen. Dat lukte niet tijdens de Franse periode rond 1800, maar dus wel tijdens de Belgische afscheidingsoorlog. Er zijn trouwens op de Sint-Pietersberg nog wel meer overblijfselen van de strijd, zoals een motte en loopgraven. 

Marita en ik zijn een paar daagjes aan het opwarmen in Zuid-Limburg en Fort Sint Pieter is de startplaats van onze eerste wandeling op donderdag, 15 april 2021.

Ik wijs Marita trots op de muurleeuwenbek, die zich heeft genesteld tussen de stenen van het fort. Maar haar reactie is ontnuchterend. “Weet je wel dat-ie al jaren groeit als onkruid in de stenen plantenbak bij onze voordeur?

De westelijke helling van de berg verschaft een prachtig uitzicht op het Jekerdal, met de oudste Nederlandse wijngaarden van de Apostelhoeve aan de overzijde. Tot onze verbazing staan er hier al enkele bremstruiken in bloei.

Een bosje is afgegrendeld vanwege de roetschorsziekte op esdoorn. Verzwakte esdoorns kunnen er aan dood gaan, maar de afsluiting heeft minder te maken met vallend hout dan met het feit dat de schimmelsporen ook onze longen kunnen aantasten. En dat kunnen we er in Corona tijd niet bij hebben.

Gevlekte aronskelk is hier één van de meest voorkomende planten in de ondergroei, zo uitbundig dat je van een onkruid mag spreken. De bloeiwijzen zijn zich al aan het ontwikkelen, af en toe zijn ze al ontvouwd.

ENCI (Eerste Nederlandse Cement Industrie) heeft sinds een paar jaar de winning van mergel gestaakt. We krijgen zicht op de gigantische groeve, inmiddels Oehoe Vallei gedoopt, omdat er al een aantal jaren een oehoe paar succesvol nestelt en broedt. Even denken we een oehoetje te zien in de verre spelonken, maar het is een holenduif. Die is overigens niet veilig voor een oehoe, want de uil schijnt zelfs ’s nachts in de straten van Maastricht te jagen op duiven en ratten.

Op de bosbodem staan een paar solitaire sleutelbloemen. Dit is de bijzondere gulden sleutelbloem, met een kelk losjes om de kroonbuis en de goudgele zoom van de kroonbladen in een kommetje op de kroonbuis.

Enkele rode eekhoorns rennen door het ENCI-bos dat is aangeplant om de stortberg van losse bovengrond, die vrij komt bij de mergelwinning, te fixeren. We horen de roep van een boomkruiper, maar zien hem niet. De groenige dobbelsteentjes van bloeiend muskuskruid zien we wel steeds vaker.

Bij een begroeide mergelwand zijn duidelijk dassen aan het werk geweest. Om de hoek ligt de indrukwekkende Duivelsgrot, een oude mergelgroeve. Niet betreden wegens instortingsgevaar, maar dat is een reden te meer voor de houtduif om daar te gaan nestelen. Op de grashellingen bij de groeve groeien kroontjeskruid, voorjaarsganzerik, hoornbloem en de bijzondere kleine pimpernel.

Vlakbij de Belgische grens een gebied met flinke kuilen. Geen loopgraven, maar een gevolg van de winning van Maaskeien omdat Napoleon had bevolen dat de doorgaande wegen in zijn imperium moesten worden verhard.

D’n Observant is ook een begroeide stortheuvel van ENCI, blijkbaar hoog genoeg om de omgeving te observeren. In het vrij open hellingbos zien we wel steeds meer bloeiende planten: vergeet-mij-nietje, herderstasje, donkersporig bosviooltje, gevlekte dovenetel, voorjaarshelmbloem, grote muur, gewoon nagelkruid. Zelfs de zeer vroege bosanemoon houdt stug vol door het koele weer.

We maken een lusje door België, maar hoeven geen negatieve Corona test te overleggen en ook niet in quarantaine bij terugkeer. In de bossen bij de ruïne van kasteel Caestert liggen een aantal dolines, grote kuilen in de kalkbodem die ontstaan wanneer zogenaamde ‘orgelpijpen’ in de kalkbodem leeglopen. ‘Orgelpijpen’ worden gevormd doordat zure regen doorsijpelt en de kalk oplost. Ze zijn meestal gevuld met modder.

We dalen geleidelijk af aan de zuidoostkant van de Sint-Pietersberg om uit te komen bij de (grens)Maas. Onderweg in de kalkwand een halfronde lege ‘orgelpijp’. Zo’n ‘orgelpijp’ kan bij beschadiging in één keer leeg lopen, een groot gevaar voor de blokbrekers (de mergelsteen hakkers).

We verlaten België bij Lanaye en komen langs de bedrijfsgebouwen en haven van ENCI. Vanaf hier werd de oogst per schip verder vervoerd. Sommige kantoorgebouwen zijn al voor andere doeleinden in gebruik genomen en ‘AINSI’ gedoopt.

Op de Maasoever steekt de bleke bloeiwijze van heermoes uit de bodem, beginnen stinkende gouwe, smalle weegbree, look-zonder-look en kleine pimpernel te bloeien. Op een muur bij de haven groeit een klein plantje met vijftallige bloempjes: het kandelaartje uit de Steenbreekfamilie.

Langs horeca Slavante met een mini-wijngaard klimmen we weer geleidelijk de Sint-Pietersberg op. De bloemkool op een kleine akker heeft de keuken van het restaurant niet bereikt en is doorgeschoten. Een boer is handmatig zijn grote akker met groene savooiekool aan het oogsten, blijkbaar een veld met winterteelt.

Op de oostelijke helling staat de kerk van Sint-Pieter Boven, die één en dezelfde parochie vormt met de kerk van Sint-Pieter Beneden in het Maasdal. De laatste moest tijdens belegeringen steeds worden afgebroken voor een goed schootsveld. De Sint-Pieter op de Berg vormde een veiliger backup. Landgoed Sint Pieter heeft een grote wijngaard en produceert een mousserende wijn onder de naam ‘Pieter’.

Als we de kaart van Nederland goed beschouwen is Limburg toch wel een vreemd wormvormig aanhangsel van ons kleine landje (net zoals Zeeuws-Vlaanderen geografisch uitermate geïsoleerd ligt binnen Nederland). Ik lees dat België na de Eerste Wereldoorlog in de onderhandelingen over compensatie door Duitsland ook heeft geprobeerd om het neutrale Nederland erbij te betrekken, met het doel om Limburg te heroveren. Dit met het argument dat Limburg alleen maar Nederlands is omdat toevallig de noordelijke troepen bij Maastricht stand hielden (net als in Zeeuws-Vlaanderen) tijdens de Belgische afscheidingsoorlog. Dankzij Fort Sint Pieter op de Sint-Pietersberg!            

 

[Beeldverhaal: https://www.jansiemonsma.nl/449239181]

 

 

Gepost: 29 April 2021  

 

Natuurmonumenten: Wandelroute Sint-Pietersberg (11 km)