WANDELEN: Joppe

Alleen al de naam van het dorp nodigt uit voor een verkenning: Joppe! Het ligt in de Achterhoek, aan de spoorlijn Deventer-Zutphen, tussen de Gorsselse uiterwaarden van de IJssel en de Gorsselse Heide. Een klein dorp met één kerk, één school en één horeca gelegenheid, omgeven door een aantal landgoederen.

Mijn wandeling op woensdag, 13 januari 2021 begint bij de kerk, én bij de school, én bij Bosrestaurant Joppe. Laatstgenoemde ziet er nieuw uit. Het is dan ook na een grote brand in 2018 helemaal opnieuw opgebouwd en in januari 2020 heropend…. twee maanden voor de ‘lockdown’! 

Het eerste landgoed heet ‘Huis te Werken’ met een landhuis aan de ene kant van de doorgaande weg naar Gorssel en bossen aan de andere kant. De naam ‘Huis te Werken’ verwijst naar een landhuis om te werken uit 1904 van de architect van Nieukerken – ontwerper van onder andere het Koloniaal Instituut voor de Tropen – die hier veel opdrachten uitwerkte voor het oosten van het land. Het bos is een mengelmoesje, met opvallende douglasspar, robinia en Amerikaanse eik.     

Aansluitend ligt Landgoed Amelte. Hier is de omgeving van het landhuis wat meer parkachtig: rododendrons, een gazon met een kunstwerk, een grote vijver (met een dun laagje ijs) en een Japanse brug over een droge aanvoersloot. Omdat ik geen bijzonderheden ontdek aan de houten brug, vraag ik me af wat een brug Japans maakt? Ik kom via Google niet veel verder dan het schilderij van Monet, de bijzondere Japanse brug in Hoi An (Vietnam) waar ik op heb gestaan, en dat een brug een Japanse brug wordt als-ie in een Japanse tuin staat. Op de plaatjes is-ie wel opvallend vaak gebogen en heel vaak rood. Deze hier is wit en hoekig, en de tuin is zeker niet Japans.

Ik let terloops op winterbloeiers, maar ik kom er niet veel tegen, behalve matten van vogelmuur, winterpostelein en ‘vroegrijp’ fluitenkruid. Alles is bedekt met mostapijten. Verder nog een veldje met mooi uitwaaierende graspollen van het pijpenstrootje en een gevelde boomstam met de gele trilzwam. Die lijkt op lekker snoepgoed. Ik kom langs enkele hallen van Ponyclub en Rijvereniging ‘Semper Fidelis’ en Hondenschool ‘DogWise’, waar het akelig stil is.

Het gebied is rijk aan beken met hun vertakkingen. Jammer dat de oevers zo kaal zijn en dat er zo weinig reuring is in het water. Sommige beekdalen, zoals hier langs de Flierderbeek, zijn erg nat zodat rabatten nodig waren om het bos aan te planten.

Langs de spoorlijn staan nog wat bekende planten te pluizen in de wind zoals koninginnenkruid en guldenroede. Rode kornoelje valt meteen op door zijn rode takken en Judaspenning door zijn zilveren ‘munten’.

Aan de andere kant van de spoorlijn ligt Tuinderij De Veldhof. Er staan nog slechts enkele winterharde groenten op het veld, zoals spruitkool, boerenkool en palmkool (‘cavolo nero’, zwarte kool). Tijdens het groeiseizoen heeft de Tuinderij een labyrint. Er wordt op een bordje nog eens haarfijn uitgelegd wat het verschil is tussen een doolhof en een labyrint. In een labyrint kun je niet verdwalen. “Wandel en geniet, mediteer of dans over de paden om je leven te doorgronden en te vieren”, adviseert de labyrint coach, die vast zelf in een flinke winterdip zit.

Ik kom opnieuw langs een heel nat gebied met rabattenbos. Op een rabat twee hoopjes veren van een uitgeplozen duif.

Op Landgoed de Nieuwe Aarde wordt ook al ‘zelfvoorzienend geleefd in verbinding met de natuur’. Ik vrees voor flink wat stikstof-depositie van de buren, ‘Adventure Eefde’ met kartbaan, al zit er een klimbos tussen. 

De Gorsselse Heide is een honderdtal hectare groot. Ik kom aan de zuidzijde bij een grote grasbult in de vorm van een prisma. Een metaaldetector zou hier wel uitslaan, want het betreft de inslagheuvel van een schietbaan. De Gorsselse Heide is lang militair oefenterrein geweest. Achter de inslagheuvel ligt een doelenkelder, waar de schietschijven werden opgeslagen, maar nu vleermuizen vrij spel hebben.

Er vliegt een raaf over de heide. Aan de noordzijde ligt een mooi ven, omgeven door dopheide en prachtige roodbruine gagelstruiken met gezwollen mannelijke katjes, waarvan een aantal prematuur heeft gebloeid. De vrouwtjes zijn nog in geen velden of wegen te bekennen. 

Op een kruispunt van zes paden ligt miniatuur wijngaard ‘De Zessprong’ en een horeca gelegenheid met de naam ‘De Zessprong’ zelfs in de nok gemetseld. Die naam stamt nog uit de tijd dat het een Café was. Een nieuwe eigenaar maakte er Restaurant ‘De Zevensprong’ van, waarschijnlijk omdat het voelde als een sprong in het diepe.

Vlakbij ligt op een kruispunt een bijzondere platte driehoekige grenssteen, ik vermoed een drie-Marken steen met de namen Eefde, Harfsen en Eschede (geen typefout!). Marken werden opgericht in de late Middeleeuwen om de gezamenlijke woeste gronden van een dorp of gemeenschap te beheren en te beschermen. Eefde en Harfsen zijn nog steeds dorpen in de buurt, maar Eschede kan ik als plaatsnaam niet meer vinden, mogelijkerwijs opgeslokt door Gorssel.

Ik kom via een prachtig maar modderig laantje van aangeplante Canadese populieren op Landgoed Joppe. Op een heuveltje ligt een onbewoonbaar verklaarde theekoepel, maar verderop ligt een prachtig landhuis dat dateert uit 1740. Ook hier waagt men zich in de achtertuin aan een wijngaard.

Via het ‘Kerkepad van Klooster Ter Hunnepe’ bereik ik weer de kerk van Joppe, én de school, én Bosrestaurant Joppe. Nonnenklooster Ter Hunnepe lag in het dorp Colmschate (nu een stadsdeel van Deventer) aan de Schipbeek, maar werd in 1578 verwoest. Wat de nonnen hier op het Kerkepad kwamen doen zo ver van huis – Joppe bestond nog niet eens – is mij een raadsel.

 

[Beeldverhaal: https://www.jansiemonsma.nl/448274642]

 

Gepost: 27 Januari 2021  

 

Mooisteroutes.nl: Dwalen bij Joppe (16 km)