WANDELEN: Heerewaarden

Op vrijdag, 28 juni 2019, start ik mijn wandeltocht bij het Bezoekerscentrum Grote Rivieren in Heerewaarden. De omgeving van het dorp – officieel behorend bij de Bommelerwaard – kan het beste omschreven worden als een smalle verbindingswaard tussen het Land van Maas en Waal in het oosten en de Bommelerwaard in het westen. Hier liggen namelijk over een afstand van zo’n vijf kilometer de Waal en de Maas zo dicht bij elkaar dat ze elkaar regelmatig wild hebben gekust en tegenwoordig door een Sluis in het Sint-Andrieskanaal – als een soort kuisheidsgordel – uit elkaar worden gehouden. Het dorp Heerewaarden zelf ligt op een opwas, een hoge, veilige zandige afzetting tussen de rivieren.

Ik zit meteen op de Heerewaardense Afsluitdijk, een verbinding tussen de dijkringen van de Bommelerwaard en het Land van Maas en Waal, met als voornaamste doel de twee rivieren uit elkaar te houden. De Afsluitdijk is voorzien van een fietspad en ik wandel in westelijke richting, met de Waal aan mijn rechterhand.

In bloei staan de kattenstaart, wilde cichorei, wilde peen, Jacobskruiskruid. Wit vetkruid en ganzerik voelen zich thuis op de steenachtige dijkhelling. Opvallend is de donkerpaarse wede doordat de vruchtjes aan het afrijpen zijn.

Ik volg een pad onder aan de dijk, dicht langs een strang, maar geen bijzondere eenden te bekennen. Akkerwinde woekert en vlasbekje heeft ook ergens zijn niche gevonden. Op de dijk een mooi monument voor enkele gevallen Britse soldaten in 1944.             

De Afsluitdijk brengt me naar het moderne Sint-Andrieskanaal uit 1934, maar net ervóór liggen een oude sluis en de minimale restanten van het (Nieuwe) Fort Sint-Andries, beide stammend uit begin negentiende eeuw.

Ooit lag een paar honderd meter hier vandaan het (Oude) Fort Sint-Andries, met een kunstmatige verbinding tussen Maas en Waal, aangelegd door de Spanjaarden in 1599 tijdens de Tachtigjarige Oorlog. Maar hier is nauwelijks iets van overgebleven.

Van het Nieuwe Fort Sint-Andries is trouwens ook niet veel over. Je kunt het terrein op via een houten toegangsbrug en rond de ruïne lopen die je niet mag betreden wegens instortingsgevaar. Wel leuke plantjes: wilde reseda, wouw, muskuskaasjeskruid met witte bloemen, beemdooievaarsbek. Op het hoogste punt van het terrein staat een luchtmachttoren uit 1955. Met verrekijkers werd het luchtruim in de gaten gehouden om tijdens de Koude Oorlog eventuele laagvliegende Russische vliegtuigen te spotten.

Ik wandel terug over de Afsluitdijk en maak een wandelingetje in de Buitenpolder Heerewaarden. Ik maak al snel rechtsomkeer, want om me een weg te banen door de bramenstruiken heb ik een machete nodig, en die heb ik vandaag niet bij me.  

Van hier maak ik de doorsteek naar de Maasdijk. Jacobskruiskruid domineert hier sommige percelen. Op een industrieterreintje aan de dijk valt mijn oog op een oude loods waar in de gevel een blauw bord is verwerkt waarop staat ‘Sneek 17’. Mocht iemand ergens in een straal van zeventien kilometer rond Sneek – de plaats waar ik ben geboren en getogen – een verkeersbord missen, dan kan de dief hier gevonden worden. Langs de loods staan een groot aantal exemplaren van (nog niet bloeiende) kompassla. 

Ik ben niet echt onder de indruk van de weerbaarheid van deze Maasdijk. Maar dat is misschien ook wel de reden voor de aanleg van het Lithse Gat aan de overkant zodat de Maas meer ruimte krijgt. Bij het uitgraven van het Lithse Gat zijn veel aanwijzingen gevonden dat Caesar, in deze fuik van Maas en Waal, twee Germaanse stammen die zich over de ‘limes’ hadden gewaagd, heeft uitgemoord.     

Ik wandel door de historische delen van Heerewaarden. Door zijn strategische ligging ontwikkelde het dorp zich voorspoedig tijdens de Middeleeuwen, vooral door handel en visserij. In de Veerstraat een oude visserswoning met een snoek als gevelsteen boven de deur. Blijkbaar werd ook Heerewaarden getroffen door de overstroming van de Maas in 1926. Een tweede gevelsteen geeft aan dat in deze woning ongeveer een meter water stond: ‘9 el, 15 dm boven AP’ (ik neem aan dat ‘dm’ staat voor ‘duim’).

Op het eind van de Veerstraat ligt het fietspontje Heerewaarden–Lith. Ernaast het jachthaventje, vroeger de haven van de vissersvloot. Ik lunch in het Toanhutje, waar vroeger de visnetten werden getaand. Ik moet zelf oppassen voor bovenmatige ‘sun tan’, bedenk ik als ik mijn verbrande kuiten zie.

Aan de oostkant van Heerewaarden lagen in vroegere tijden twee natuurlijke verbindingen tussen Maas en Waal. Net buiten het dorp het Waalse Gat en iets oostelijker het Voornse Gat. Voorne was daardoor zelfs een eiland tussen de twee rivieren. Prins Maurits bouwde Fort De Voorn (Fort Nassau) als tegenwicht tegen het (Oude) Fort Sint-Andries van de Spanjaarden.

Ik wandel over de aarden wallen van het fort in de Kopse Polder. Plukken muizengerst (kruipertje) vallen op. Vanwege de lange kafnaalden wordt de plant door het vee gemeden. Stop een aar in je broekspijp en hij kruipt door zijn weerhaakjes naar boven. Vandaar de naam ‘kruipertje’. Voor wat extra oorlogsgevoel zijn onder een boom twee kanonnen geplaatst.

Beide natuurlijke verbindingen werden in de achttiende eeuw afgesloten door lage dijken, zogenaamde overlaten. Bij hoog water stroomde het water nog steeds vanuit de Waal de Maas in. Dit leidde geregeld tot wateroverlast. Pas rond 1900 is het probleem opgelost door de aanleg van de Heerewaardense Afsluitdijk.

Langs Buurtschap Veluwe en Bato’s Erf (terrein van een oude steenfabriek) maak ik nog een lus door de uiterwaarden van de Waal. Ik kom langs de Kopse Boom, een enorme oeroude populier, geplant eind negentiende eeuw, die ongewild diende als baken voor de scheepvaart.

Ik passeer de veerstoep van het fietspontje Heerewaarden–Varik. Nu vaart het pontje wel. Ik stond voor de dichte deur in Varik tijdens mijn allereerste gedocumenteerde fietstocht op 17 januari 2014. Maar ik kon mijn auto toen wel parkeren op de veerstoep, en ik citeer mijn poging tot poëtisch proza: “Ik heb de mooiste plek onder een majestueuze naakte eik waarvan de spiegel is verstevigd met klinkers voor het geval het water gaat wassen” (Uit: Tjiftjaffen, 2014). De eik staat er nog, nu in groen zomerkleed. 

 

Gepost: 11 Juli 2019

 

Rondje Heerewaarden: combinatie van Heerewaardense Polder en Kopse Polder (15 km)