WANDELEN: Hunzedal

Fietsen in het Hunzedal is één ding, maar wandelen langs de Hunze is weer een heel ander verhaal. Helemaal als Marita erbij is voor de broodnodige interactie. Hoewel ze al lang niet meer als botanisch analiste werkzaam is, duiken er regelmatig bij het zien van een plantje namen op die ergens in de krochten van haar geheugen zijn opgeslagen en zich nog wel even willen laten gelden. Vaak heeft ze het bij het rechte eind, altijd zit ze in de goede richting.

De Hunze ontspringt in de buurt van Gasselternijveen in Drenthe en stroomt naar de Drentse zuidkant van het Zuidlaardermeer. Hier is veel werk verzet om de kanalisatie ongedaan te maken en het water en de natuur hun beloop te laten. Aan de Groningse noordkant van het meer verschijnt de Hunze weer als Drentsche Diep en stroomde ooit uit op de Waddenzee, maar tegenwoordig in het Winschoterdiep. Ook hier zijn plannen om de oude loop te herstellen, maar dat is ingrijpender vanwege alle vergravingen die in de loop der tijden hebben plaatsgevonden. Op vrijdag, 17 juli 2020, maken we drie wandelingen, op drie verschillende plaatsen in het Hunzedal.

Allereerst deelgebied Torenveen tussen Gieten en Gieterveen. Wandelend staan uiteraard de plantjes in onze belangstelling. Al bij het informatiebord een populatie van de lange ereprijs. Koninginnekruid begint te bloeien. De meanderende Hunze wordt op afstand begrensd door lage kades met aan de buitenkant een afwateringssloot. Tussen de lisdodde en het riet op de oevers van de afwateringssloot maken we voor het eerst kennis met een flinke populatie van lidsteng, een vreemde opvallende plant met karakteristieken die nog het meest aan de paardenstaartfamilie doen denken.

De wandelroute maakt naar mijn zin iets te veel gebruik van de kades en te weinig van de oever van de Hunze, maar af en toe kunnen we in de richting van de beek struinen. Die is prachtig begroeid met watergentiaan, pijlkruid en egelskop, alle in volle bloei. Pijlkruid heeft twee typen bladeren, die hier naast elkaar vóórkomen: ovale drijvende bladeren en pijlvormige bladeren die boven het water uitsteken, samen met de bloeiwijze.

Ik begin wat meer gevoel te krijgen voor de kamilles. De drie ‘echte’ kamilles – echte kamille, reukloze kamille, schijfkamille – zijn vrij algemeen. We komen ze dan ook alle drie tegen. De drie schubkamilles – valse kamille, stinkende kamille, gele kamille – zijn veel zeldzamer en laten het afweten. 

Veel meer moeite heb ik met de paardenbloem-achtigen, composieten met alleen maar lintbloemen. Gelukkig staan hier veel exemplaren van het opvallende oranje havikskruid.

Zilverschoon bedekt delen van de hooilanden en staat prachtig in bloei, met vrij grote gele bloemen. We verzamelen voor het eerst penningkruid, een kruipende wederik. Canadese fijnstraal begint op te vallen in de bermen door zijn afmetingen, hoewel de bloei zeer onopvallend is. Langs de sloot een andere basterdwederik dan harig wilgenroosje. 

We wandelen in dezelfde wei als de Hereford kudde met een groot aantal kalveren, allemaal nakomelingen van die ene imposante stier Hannibal. Niet van ons gediend laten ze ons massaal hun achterkant zien. Even later passeren we de kudde weer, maar nu zit er een afrastering tussen, reden voor de kalveren om heldhaftig dichterbij te komen en ons nieuwsgierig aan te gapen.

Op het verste punt, bij de overgang naar deelgebied Bonnerklap, twee stuwen in de Hunze. Er is volop leven in en op het water: watervlooien, schrijvertjes en schaatsenrijders. Bij het klaphek, dat toegang tot het natuurgebied verschaft, heeft een of andere ‘Sapiens’ een plastic zak met afval gedeponeerd. Hoe ‘Sapiens’ kun je zijn? 

De tweede wandeling in deelgebied Het Annermoeras start in Spijkerboor bij Café ’t Keerpunt, een mooie plek voor onze lunch (deze keer geen broodtrommeltje, want we zijn op korte vakantie). Café ’t Keerpunt heeft een lange historie die teruggaat tot 1737. Voorheen lag hier een zwaaikom in de Hunze waar schippers hun boot konden keren, nadat ze hun zakcenten hadden verbrast. 

Op weg naar het moerasgebied een ingezaaide bloemrijke akkerrand met een mengsel van boekweit, bijenbrood, perzikkruid, gele ganzenbloem, korenbloem, wilde cichorei, klaproos en melganzevoet.

Aan de andere kant langs de sloot enkele hennepnetels met verschillende bloemkleuren, inclusief de dauwnetel met zijn paarse onderlip. Hier grazen Groninger blaarkoppen, ook allochtoon net als de Hereford, want het is hier nog steeds Drenthe. De hooilanden zijn blijkbaar rijk aan nutriënten, waardoor de akkerdistel welig kan tieren. 

Wanneer we onbekommerd op de schouwkade langs het water lopen, plots een enorme turbulentie in het water, een zeekoe waardig. We schrikken ons wezenloos. We weten dat hier een flinke populatie bevers zit – we zagen al enkele beverpaadjes – en vermoeden uiteindelijk dat een bever ( of een bever familie) van ons geschrokken moet zijn en zich onder water uit de voeten heeft gemaakt. Het enige alternatief dat ik kan bedenken is een stoeipartij van enkele snoeken (zo groot als een zeekoe!).

De derde wandeling start bij ons Hotel in Westerbroek. Langs het Drentsche Diep (alias de Hunze) aan de noordkant van het Zuidlaardermeer liggen de waterrijke natuurgebieden Kropswolder Buitenpolder en Westerbroekster Madepolder. Iets noordelijker stroomt het Drentsche Diep in het Groningse Winschoterdiep vlakbij ons hotel in Westerbroek. We hebben geen hoge verwachtingen van het ‘Rondje Hotel’, dat de gasten wordt geadviseerd, maar worden aangenaam verrast door een prachtige wandeling in het Hunzedal door één van de laatste laagveenmoerassen van de provincie Groningen.

Bij de eerste waterpoelen groeit stijve ogentroost overdadig op de oevers. Het is een half-parasiet in grasvegetaties. Het water wordt deels bedekt door veenwortel, de watervorm met drijvende bladeren in de diepere delen, de landvorm daar waar het ondiep is. Enkele ‘autochtone’ kinderen met hun honden durven het aan om in deze veenpoelen te gaan zwemmen.

Een ree schiet weg tussen de bosjes en een eenzame lepelaar – verstoten uit de familie? – staat op één poot in het water zijn zonden te overdenken. Groepen puttertjes fladderen tussen de akkerdistels. 

Fietsen in het Hunzedal is één ding, maar wandelen levert weer een heel ander verhaal! Toch?

   

Gepost: 27 Juli 2020  

 

Wandelroute Torenveen (7 km), Wandelroute Annermoeras (5 km), Wandelroute Westerbroek (4 km)