WANDELEN: Waal 3

Officieel is Traject A van de Struinroute langs de Waal dertig kilometer lang, maar dat is me te gortig op deze hittegolf dag. Ik kan het beperken tot vijfentwintig kilometer dankzij de Tacitusbrug.

Woensdag, 28 augustus 2019, start ik in Druten, de belangrijkste plaats in het Land van Maas en Waal. Ik heb er zin in, want deze wandeling moet het laatste, zeventigste verhaaltje opleveren voor mijn zesde bundel.

Maar de wandeling wordt enigszins een afknapper. Niet door de hitte, want er waait een verfrissende bries. De route is onduidelijk aangegeven doordat de Afferdensche en Deestsche Waarden opnieuw zijn ingericht na de zandwinning. De struinbordjes zijn verbleekt, alleen de zwarte pijlen zijn soms nog zichtbaar. Hierdoor mis ik een cruciale afslag en blijf hangen tussen de winterdijk en nieuwe geulen, met de Waal op grote afstand. Maar er is genoeg variatie om mijn plantenkennis te oefenen: oeverstekelnoot, hondsdraf, heelblaadjes, gewone ereprijs, bitterzoet, kamille, en verdroogde zwarte mosterd zonder zaad. Zou Abraham ook geweten hebben waar hij mosterd zonder zaad kan halen?

Een groepje jonge dikbilkoeien, waaronder enkele Blanc Bleu Belge, volgen nieuwsgierig mijn halsbrekende toeren over prikkeldraad versperringen. Ik moet een groot pluizend distelveld oversteken. Moet me nodig eens in de distels verdiepen, want ik houd ze niet uit elkaar. Drie patrijzen dachten zich veilig te verschuilen tussen deze stekelige planten, maar hadden niet op mij gerekend. Een Nijlgans verlaat de rietkragen met een achttal piepkleine kuikens. Beter laat dan nooit. 

Bij Deest kan ik wel naar de Waal, maar raak opgesloten door een meestromende nevengeul. Op deze pas aangelegde hulpdijk wel weer leuke plantjes: prachtige vergelende wouw en plukken zeepkruid, zwanenbloemen bij een vennetje, zwarte nachtschade en kompassla.

Het waterpeil in de Waal is behoorlijk hoog. Sommige kribben verdwijnen onder water. Containerschip Goudvis heeft moeite om tegen de stroom in te zwemmen.

Ik passeer de Scheepswerf Ravenstein. FlexWerk in overvloed momenteel; er staan tussen de ‘gewone’ auto’s op de parkeerplaats een tiental ‘flexibele’ auto’s van APN Flexgroep, gespecialiseerd in scheepsbouw. Voorbij deze werf zijn de uiterwaarden tussen Deest en Winssen aan de beurt voor ‘herinrichting’. Vijftien jaar zand- en grindwinning in Project Geertjesgolf. Deest krijgt een Voorhaven langs de Waal voor de afvoer van de grondstoffen per schip.

‘Graag de Telegraaf in deze bus’ meldt een brievenbus op de dijk. De nadruk zal wel liggen op ‘deze bus’, in plaats van de brievenbus in de voordeur van het huisje beneden aan de dijk. Anders had er wel gestaan: ‘Graag de Volkskrant in deze bus’.

Bij Winssen staat een stolpvormige metalen hut langs de dijk. In de vloer een stichtelijke spreuk: ‘Ieder mens is een unieke zaailing van Moeder Aarde’. Dat is wel zo, maar Moeder Aarde moet maar eens ophouden met baren, want ze gaat eraan ten onder. Tweehonderd jaar geleden leefden er één miljard mensen op deze aardkloot, nu bijna acht miljard.

Onder de Tacitusbrug lummelen enkele koniks, die in het niet vallen bij de enorme pijlers. Van de winterdijk kun je gelukkig via een fietstrap gemakkelijk op de brug komen. De Brug bij Ewijk in de A50 is vernoemd naar de Romeinse schrijver Tacitus (56–117 A.D.) die als eerste uitgebreid schreef over het Land van Maas en Waal. De brug dateert uit 1976, maar is in 2013 verdubbeld.

Ik zit nu aan de noordkant van de Waal, ‘la rive droite’, en hier zijn weer duidelijke struinbordjes aanwezig. Ik kan vlak langs de Waal kuieren, soms klauterend over de keien van een krib met af en toe een misstap het water in. Op enkele plaatsen is er flinke oevererosie met kleine klifjes. Op sommige bijna kale zandige delen groeit maar één zielig plantje, mij onbekend. Collega Roel brengt het op naam als smal vlieszaad, verwant aan melganzenvoet en amarant, met onaanzienlijke bloemetjes. Ongemerkt ooit ons land binnengeslopen via het rivierwater.

Plots begint mijn geigerteller te tikken. Ik loop tegen de verzegelde kerncentrale Dodewaard aan, industrieel sterfgoed, in productie van 1969 tot 1997. De centrale is nog niet ontmanteld, maar wel ontmand: zijn fiere hoge schoorsteen, voorheen bij helder weer zichtbaar tot in Wageningen, is verdwenen. De ramen zijn dichtgemetseld. ‘Veilige insluiting’ heet dat, je bent nog te radioactief, over vijfentwintig jaar (2045) komen we terug om je echt ten grave te dragen.

Dijkhellingen variëren qua overheersende plantengroei. Dan weer een dominantie van kompassla, dan weer kaardenbol of gewone rolklaver.       

Ik zoek even verkoeling in De Engel. Het pretendeert Neerlands Oudste Herberg te zijn, maar dat doet De Draak in Bergen op Zoom ook. Misschien maakt De Bever binnenkort een eind aan deze strijd, want De Engel dreigt te verzakken in bevertunnels. Naast de Herberg ligt Villa Hehum, een bij De Engel horende wijngaard, uiteraard de Allereerste Betuwse Wijngaard.

De Oude Veerweg leidt me naar het voetveer Dodewaard–Druten. De Veerman van ‘D’n Overkant’ wil nog wel eens pirouetjes draaien op de Waal, zeker nu er drie dames heen en weer meevaren in werkkleding van Cafetaria De Kapitein, dat vandaag in Druten wordt geopend. Vier Kapiteins op één schip leidt tot overmoedige gedragingen tussen het drukke scheepvaartverkeer op de Waal.

Ben blij dat ik weer bij de auto ben. Zelfs vijfentwintig kilometer is me eigenlijk net iets te veel van het goede. Door vermoeide benen verslapt dan je observatievermogen (al zou je dat misschien niet zeggen bij het lezen van dit verhaaltje).

 

Gepost: 8 September 2019

 

Struinen langs de Waal. Traject A: Druten – Tacitusbrug – Dodewaard – Druten (25 km)