FIETSEN: Desperado Koloniën

De Maatschappij van Weldadigheid, opgericht door Generaal Johannes van den Bosch (1780–1844) in het kader van de armoedebestrijding bestond uiteindelijk uit vijf koloniën in de noordelijke Nederlanden (Frederiksoord, Wilhelminaoord, Willemsoord, Ommerschans, Veenhuizen) en twee in de Zuidelijke Nederlanden (Wortel, Merksplas). In de zogenaamde vrije koloniën (Frederiksoord, Wilhelminaoord, Willemsoord, Wortel) werden arme gezinnen voorzien van een huisje met een lapje grond voor een nieuwe start. Landlopers en bedelaars werden opgesloten in de strafkolonies (Ommerschans, Veenhuizen, Merksplas).

Kolonisten die mislukten en uit de vrije koloniën vluchtten of werden weggestuurd, bleven vaak in de omgeving hangen. Als ze in één nacht een plaggenhut konden bouwen met rokende schoorsteen, dan mochten ze er blijven wonen volgens gewoonterecht. Zo ontstonden de zogenaamde desperado koloniën zoals Nijensleek, Vledderveen, Noordwolde-Zuid en Marijenkampen.

Zus Cily – mijn logeeradres – woont in de vrije kolonie Wilhelminaoord. Ze heeft daar een mooi huisje met een lapje grond. Ik maak op vrijdag, 27 september 2019, een fietstocht in de omgeving. Langs de weg van Wilhelminaoord naar Frederiksoord kom ik meteen een aantal originele, maar ook nieuwbouw koloniehuisjes tegen. Er is veel belangstelling voor een zestigtal nieuwe energie-neutrale huisjes (Koloniehuisjes van de Toekomst), die op de plekken van verdwenen koloniehuisjes worden gebouwd.

Frederiksoord was het echte centrum van de Maatschappij van Weldadigheid, met de koloniewinkel, de dokterswoning, ambtenarenhuisjes, postkantoor, bakkerij, logement Frederiksoord, en de G.A. van Swieten Tuinbouwschool uit 1884. Een splinternieuw Museum de Proefkolonie kan je alles vertellen over de Maatschappij. Maar pas op voor zus Cily, want die probeert je van alles aan te smeren uit de Museumwinkel. Bij het Sterrenbos hangt een foto van Philip Freriks, ambassadeur van de Maatschappij, met ‘roots’ in deze koloniën. Zou de naam Freriks iets met Frederiksoord te maken hebben?    

Ik fiets om Nijensleek heen, een lang lintdorp tussen Frederiksoord en Eesveen, ontstaan als desperado kolonie. Een vlucht grauwende ganzen vliegt over de waterplassen die resteren na de zandwinning Moerhoven. Ik passeer een ‘klein’ gasveld. ‘Vele kleintjes maken een grote’ is het devies van de Gasunie, nu de kraan van de echte grote gasbel wordt dichtgedraaid. Een grote groep kieviten hokt bij elkaar op een verzamelweide.

In Eesveen steek ik de provinciale weg over naar de bossen van Heerlijkheid De Eese, zo’n beetje op het Drieprovinciepunt waar Overijssel, Friesland en Drenthe elkaar raken. Het landgoed herbergt meerdere gebouwen waaronder een oude burcht met een gracht die zou stammen uit 1619. Verder een aantal charmante woningen en een enorme boerderij. Een Zwerfsteen herdenkt Jonkheer Herman van Karnebeek (1874–1942). Na een politieke carrière (meerdere ministersposten) wordt hij Commissaris van de Koningin in Zuid-Holland, koopt het Landgoed en wordt Heer van de Eese (1923–1942). Zijn erfgenamen bewonen en exploiteren het Landgoed nog steeds.

Ik bereik vrije kolonie Willemsoord via Buurtschap De Pol, ook wel Jodenhoek genoemd. Hier werden arme Joodse gezinnen uit den lande bij elkaar gehuisvest. Er ligt een klein kerkhof met één enkele zerk, en iets verderop een waterplas, die het Jodenveentje werd genoemd. In het water groeit de egelskop. Iets zuidelijker ligt Marijenkampen, de desperado kolonie gevoed door overloop uit Willemsoord.

Ik maak een extra heen-en-weertje via De Blesse naar Peperga (geboorteplaats van Pieter Stuyvesant) en Steggerda (begraafplaats van mijn overgrootouders aan moeder’s kant). Ze liggen of lagen begraven op het oudste katholieke kerkhofje van Friesland (1839–1922) in Overburen. Je moet weten waar het ligt, anders is het moeilijk te vinden. Een klein deel is in ere hersteld, maar de grafstenen die ik zoek zijn verdwenen.

Terug richting Blesdijke, eertijds woonplaats van mijn overgrootouders, kom ik langs kasteeltoren Olt Stoutenburght, het levenswerk (sinds 1990) van ene Gregorius Halman, graag geziene gast in onder andere Joris’ Showroom en Man Bijt Hond. Hoe het binnen is weet ik niet – je kunt het kasteel alleen op afspraak bezichtigen – maar de buitenkant lijkt mij duidelijk geïnspireerd door de excentrieke Spaanse kunstenaar Salvador Dali, met vreemde beelden en beeltenissen boven op de toren tussen de kantelen.  

Van Blesdijke ben ik snel bij riviertje de Linde, die ik een paar kilometer stroomopwaarts zal volgen. De oevers zijn bloemrijk. Vlak onder Wolvega ligt de Blessebrugschans, ingeklemd tussen een oude meander van de Linde en zijn huidige loop. De schans werd aangelegd in 1583 als verdediging tegen de Spanjaarden in de Tachtigjarige Oorlog, maar was vooral belangrijk als onderdeel van de Friese Waterlinie in het rampjaar 1672. De oude meander wordt omzoomd door een mengsel van grote en kleine lisdodde.

Aan de andere kant van de A32 ligt de waterrijke Catspolder met vogelhut de Catskieker. Grauwe ganzen, grote eenden, kleine eenden, maar meest opvallend zijn een tiental lepelaars die op één poot een middagdutje doen.

Het lijkt erop dat de Linde wat hulp nodig heeft. Dit deel groeit dicht door een gigantische hoeveelheid krabbenscheer, oprukkend vanaf beide oevers. Er is nog maar een kleine doorgang in het midden over. Krabbenscheer is vaak de eerste fase van de verlanding, gevolgd door een fase met riet en lisdodde. Dat laat men toch niet gebeuren! 

Ik verlaat de Linde en fiets door de Friese Wouden (de hogere zandgronden in het oosten van Friesland) naar De Hoeve en dan door Noordwolde. Noordwolde-Zuid is ook ontstaan als desperado kolonie. Zus Cily meldt vol trots dat Jeltje van Nieuwenhoven uit Noordwolde-Zuid komt. Desperado’s hielden zich veelal bezig met vlechtwerk. Het is dan ook niet verwonderlijk dat het Nationaal Vlechtmuseum in Noordwolde is gevestigd (in het voormalige gebouw van de Rijksrietvlechtschool!).

Ook tussen Noordwolde en Wilhelminaoord nieuwe Koloniehuisjes van de Toekomst. De ene bewoner heeft van zijn lapje grond een boogschietbaan gemaakt, de ander houdt alpaca’s in plaats van te zwoegen in een moestuin. Johannes van den Bosch zou ze weggestuurd hebben naar de dichtstbijzijnde desperado kolonie.

 

Gepost: 11 Oktober 2019

 

Knooppunten: 42, 71, 16, 92, 90, 91, 47, 46, 22, 81, Steggerda/Overburen, 81, 22, 49, 79, 83, 96, 60, 15, 13, 42 (55 km)