WANDELEN: Sprengenberg

Het is alweer heel lang geleden dat ik op de Sallandse Heuvelrug ben geweest. En natuurlijk ook niet overal. Mij onbekend is het westelijke deel met Landgoed Sprengenberg.

Op dinsdag, 14 mei 2019, rijd ik naar het dorp Haarle. Gelukkig val ik niet midden in Haarle’s Feest, dat vier dagen duurt, met als hoogtepunten voor de jeugd ongetwijfeld Blonde Geert (het zal toch niet?), Hoempa Henk en Zwarte Jannes. Ik ben nieuwsgieriger naar de ‘Luftwaffel’. Maar goed, ik ben dus te vroeg.

Alleen al de weg naar Haarle is prachtig: Sallandse landweggetjes. Startplaats van mijn wandeling is Erve De Pas, met een klein Infopunt van Natuurmonumenten, een horecagelegenheid en een ruim parkeerterrein. Van oudsher was dit een druk verkeerspunt tussen Twente en Salland vanwege de relatieve laagte (‘pas’) tussen de twee hoogste heuvels van Salland, de Grote en de Kleine Koningsbelt. Verschillende paaltjesroutes zijn hier uitgezet, maar mijn ‘woeste route’ struint hier kriskras doorheen.

Een koekoek roept. Grote oude eiken staan langs deze handelsweg. De bomen hebben jong, vers, lichtgroen blad. Even twijfel ik vanwege de afmetingen van het blad en de lengte van de bladsteel tussen zomereik en wintereik, maar het is natuurlijk de Amerikaanse eik. De enorme massa verdord blad op de bodem onder de bomen verraadt de eigenaar.

Ik steek de heide over, maar word een beetje triest bij de aanblik. Verdord blad van de Amerikaanse eik is zo vervangen, maar ik betwijfel of de verdroogde struikheide het overleeft. Op de heide enkele verspreide struiken jeneverbes. Aan de vrouwelijke struiken zitten besjes in alle stadia van ontwikkeling. Ik lees dat het drie jaar duurt van bestuiving tot rijpe bes. In het eerste jaar de bestuiving en de bevruchting, in het tweede jaar de geleidelijke ontwikkeling van de bes, en in het derde jaar het rijpingsproces met de blauwkleuring.

In de grasstroken langs de paden veel (meerkleurige) viooltjes, herderstasjes en ooievaarsbekjes. En een grote opvallende felgele bremstruik. Het vlindertje dat op de bloemetjes neerstrijkt is de kleine vuurvlinder. De citroenvlinder zie ik vaker opduiken.   

Ik krijg mooi zicht op de bijzondere Palthetoren, vernoemd naar de eigenaar Van Wulfften Palthe. Nadat eerst een jachtkoepel was gebouwd op de Sprengenberg, werd de elegante toren er later aan toegevoegd. De windvaan boven op de toren is geen haan, maar een korhoen, de allerlaatste der Mohikanen, opdat wij niet vergeten.

Op enkele plekken heeft de witte winterpostelein zich gevestigd in grote getale om niet meer weg te gaan. Je ziet steeds vaker dat het maaien van de bermen wordt beperkt, een deel wordt wel, een deel wordt niet gemaaid. Dat levert veel meer leuke plantjes op. Snel mijn boterham opeten, zodat mij onbekende plantjes de broodtrommel in kunnen.

Ik betreed het gedeelte met Schotse hooglanders, die liggen te herkauwen in de schaduw van de bosrand. Natuurmonumenten geeft toe dat het een ‘takkenzooi’ is in de bossen, met name dankzij de storm van 18 januari 2018. Maar die rotzooi levert veel nieuwe kansen voor andere planten en dieren. Een biodiversiteit-bewuste boswachter is dan ook in zijn nopjes met een goede, flinke storm.

Minder mooi is dat Natuurmonumenten medeschuldig is aan de Paasvuren. Een aantal open percelen die de Schotse hooglanders boven het hoofd groeiden, mochten begin dit jaar afgegraasd worden door de Paasvuurcomités van de verschillende Sallandse dorpen tot meerdere glorie van de Paasboaken. Zo helpt de Paasvuurjeugd Natuurmonumenten uit de brand, maar zet Natuurmonumenten de Sallandse atmosfeer in de fik.

Bij een waterpoel op de Fazantenwei loopt een schaapskudde binnen een omheining. De heide zal wel verboden terrein zijn voor de kudde, nu de struikheide zo verdroogd is. Ik denk dat de dieren dat niet leuk vinden. Ze blaten me de oren van de kop. Eentje valt uit de toon, heeft een kikker in de keel (zeker te gulzig gedronken uit de waterpoel). Bij het watertje heel veel mos dat volop in ‘bloei’ staat (sporenkapsels). Ik zoek naar de kleine zonnedauw, een vleesetend plantje, maar vind hem niet. Nemen de vleesetende plantjes nu in aantal toe of af? Nu wij wat minder vlees gaan eten, zou je zeggen dat het goed moet komen met de zonnedauw.        

In de bossen zijn de blauwe en de rode bosbes belangrijke bodembedekkers. De rode bosbes of vossenbes, met klein leerachtig blad, begint te bloeien. De stijl steekt uit buiten de witte bloemkroon. De blauwe bosbes is bladverliezend met een iets gevleugelde stengel, en vormt nu vers, jong blad.

Ik word verplicht een verkorte route te nemen. Een deel van de heide is afgesloten tijdens het broedseizoen om als kraamkamer te dienen voor plant en dier. Stukjes heide zijn geplagd en ingezaaid met boekweit, winterrogge en bloemenmengsels om insecten aan te trekken, terwijl de zaden in de winter dienen als ‘Voedertafel XXL’ voor vogels. Het valt me op dat het woord ‘korhoen’ hier niet in de mond wordt genomen. Voorheen waren de veldjes met gewassen en akkeronkruiden vooral bedoeld voor de laatste korhoenders. Zou hij inmiddels op de Sallandse Heuvelrug zijn uitgestorven? Dan hebben we in elk geval nog de windvaan van de Palthetoren.

Ik kom nu in het geciviliseerde deel van het Landgoed Sprengenberg. Dat merk ik aan het aantal wandelaars, of vooral honden. Kinderen ook, die midden op het pad een hartje van dennenappels hebben gemaakt. Mooie aangelegde lanen van douglasspar, linde en Amerikaanse eik, begeleid door een ondergroei van rododendrons. Een nieuw deel van de Amerikaanse eikenlaan is chauvinistisch beplant met onze inheemse zomereik, alsof we die oorlog nog kunnen winnen.

Een honderd jaar oude beukenlaan heeft men moeten afsluiten vanwege het gevaar van afbrekende takken. Maar de laan vervult nog steeds een belangrijke functie voor spechten, vleermuizen, boommarter. Kappen is daarom uit den boze. De beuk mag uit zichzelf tot stof wederkeren. Het wandelpad en de MTB route zijn verlegd. Op de MTB route wordt onderzoek gedaan naar reptielen. Welke fietsbanden zijn het veiligst voor zandhagedis en hazelworm. Sorry, welke beplanting is het beste zodat de reptielen tijdens het ‘zonnebaden’ kunnen vluchten bij een naderende fietsband.

De Schaapskooi is mooi gerestaureerd. Ik vermoed dat hij leeg is, want de kudde zat toch op de Fazantenwei? Misschien zitten hier de fazanten. Maar ook hier een kleine kudde schapen die niet meer de heide opgaat, maar bij de kooi blijft voor de fok.

De Haarler Enk is volledig beplant met graan, nog in het groene stadium voor de bloei, een prachtig gezicht. Akkeronkruiden zoals korenbloem krijgen de ruimte. Onkruid tussen het graan zal de boer wel niet zo leuk vinden, maar in de akkerranden kan ik in elk geval al veel leuke plantjes ontdekken.   

 

Gepost: 5 Juni 2019

 

Natuurmonumenten: Woeste Route Sprengenberg (15 km)