WANDELEN: Zwart Water

Natuurgebied Zwart Water heeft niets te maken met het Zwarte Water, de aloude waterweg van Zwolle naar de Zuiderzee (tegenwoordig naar het IJsselmeer via Zwarte Meer en Ketelmeer).


We zitten met het Zwart Water in een heel ander deel van het land. Het Zwart Water is een natuurgebied tussen Velden en Venlo. Het is het meest zuidelijke deel van de gordel van Maasduinen tussen Gennep en Venlo, vijfendertig kilometer lang, ten oosten van de Maas. Het Zwart Water is een oude Maasmeander. De uiteindelijk bedding is deels verveend en heeft geleid tot een flink open water, de Venkoelen (Veenkuilen). Een groot deel binnen de meander is inmiddels bebost, deels broekbos, deels bos op zandduinen.


Op dinsdag, 21 juli 2026, maak ik een wandeling door het Zwart Water, met een lus vlak langs de huidige Maas als toegift.


Start op de Markt in Velden, een dorp dat praktisch tegen de noordzijde van Venlo ligt aangeplakt. Bij de sportvelden lijken alle pensionado’s van Velden zich te hebben verzameld voor een gezellige Jeu de Boules competitie.     


Het eerste deel loopt door het land- en tuinbouwgebied tussen Velden en Schandelo. Ik maakte recentelijk al eens een mooie wandeling in de Maasduinen ten noorden van Schandelo bij de Ravenvennen (‘Ravenvennen’. In: Zafira, 2024) en hoop op een soortgelijke ervaring.


Na de vroege schermbloemigen (fluitenkruid en de iets latere gewone berenklauw) is het nu wilde peen dat de bermen beheerst. Ook bijvoet en melganzenvoet beginnen volop te bloeien.


Ik wandel langs een sleedoorn haag in volle vruchtdracht. Terwijl de bramenplukkers alweer actief zijn, zie ik geen ‘jantje’ die sleepruimpjes ziet hangen, laat staan plukken. Deze wrange vruchten moeten eerst een periode van vorst ondergaan om de looistoffen af te breken (‘Duffelt’. In: Eigen land laatst!, 2021). Je kunt de vorstperiode wel simuleren door de sleepruimen een paar dagen in de vriezer te leggen.


In tegenstelling tot vorige week langs de Overijsselse Vecht staat de mais hier al wel te bloeien, zowel mannelijk als vrouwelijk. In een kas staan sieruien te pronken met reuzenbollen op de lange bloemstelen.


Langs de doorgaande weg Velden–Schandelo is de bomenrij onderbroken. Aan de vooravond van de Twee Wereldoorlog werden hier bomen opgeblazen om de weg te blokkeren als onderdeel van de Maaslinie, om de opmars van de Duitsers te vertragen.


Veel sloten en waterloopjes staan zo goed als droog door het gebrek aan neerslag. Gewoon wilgenroosje bloeit inmiddels en guldenroede volgt op de voet. Ertussen een verdwaalde doornappel.


Ik bereik het Zwart Water, natuurgebied toevertrouwd aan de zorg van de SLL, Stichting Limburgs Landschap. Ik krijg meteen vlakbij elkaar langs het pad enkele bloeiende vederdistels voor de lens: akkerdistel, speerdistel en kale jonker. Een holenduif koert zich het snot voor de ogen. Rode kornoelje zit vol onrijpe bessen.


Op een kruising staat bij een huis een beeldje van de ‘Gekke maondaagvierder’. Gekke maandag wordt uitsluitend gevierd in de dorpen Velden, Lottum en Grubbenvorst. Geleidelijk is er wel een koppeling ontstaan met het carnaval. De carnavalsverenigingen heten in deze contreien dan ook Gekkemaondaagsverenigingen (‘Schandelo’. In: Zafira, 2024).


De routebeschrijving meldt dat ik even verderop moet afslaan bij een ‘carterkiller’. Ben benieuwd wat ik me daarbij moet voorstellen. Het blijkt een simpele constructie te zijn van drie verhoogde betonnen uitsteeksels. De buitenste twee staan ver genoeg uit elkaar om een auto te laten passeren, maar negeer je het inrijverbod, dan zorgt het uitsteeksel in het midden dat je je motorcarter aan flarden rijdt. Waarom niet gewoon een afsluitboom? Omdat dat lastig is voor paardrijders (niet elk paard is een ‘Jolly Jumper’) en paardenmenners! Vlakbij de ‘carterkiller’ een opvallende zeer grote zwavelzwam.


Bij de eerste waterpoel even pauze op een bankje voor een kop koffie. ‘Ik zit op een bank’ is een gedicht van ene Piet Fleuren op een bordje tegen een eik gespijkerd. Het gedicht maakt melding van een pluk dassenhaar in het prikkeldraad rond de waterpoel. Even zoeken. Ja hoor, dat klopt als een bus! Meerdere plukken zelfs!


Op het water drijft veel fonteinkruid en op de oever vertoeft grote wederik. Lijsterbessen zijn klaar om geplukt te worden, uiteraard met voorrang voor de lijster.  


Ik bereik het grote open water van de Venkoelen. Delen zijn bedekt met waterlelie. Aan mijn voeten echter een grote populatie van de wateraardbei, overigens nog zonder bloei. Het is een pionier van de verlanding, lees ik, ‘met name langs zeer oude afgesneden Maasmeanders’. Voilá!


Op een boomstronk heeft iemand een flink stenen beeld van een dier bevestigd. Vast een bos- of waterdier, denk je dan, maar de ‘bever’ blijkt een Basset jachthond te zijn met zijn grote flaporen. Even later passeert de uitlaatservice met een achttal verschillende hondenmerken. Misschien heeft ooit deze Basset het op deze plek tijdens het uitlaten begeven.


In het volgende deel van het bos heel veel sporkehout langs de paden. Af en toe een paar planten kompassla en zelfs een verdwaalde karmozijnbes.


Ik verlaat het Zwart Water, betreed Venlo, passeer de A67 onderlangs en kom tientallen kleine groepjes wandelaars tegen op de Fazantenweg in de wijk Genooi. Blijkbaar een populair ommetje tijdens de middagpauze voor werknemers van de grote Canon fabriek.        


De Stepkensbeek – een ontwateringsbeek van het Zwart Water – staat zo goed als droog, maar heeft hier zijn monding in de Maas. Een eindje zuidelijk over de Maasdijk en dan mag ik struinen door de Maasuiterwaarden met een weelderige plantengroei. Hier staat van alles door mekaar: grote wederik, moerasspirea, valeriaan, kattenstaart, knoopkruid, Jacobskruiskruid, boerenwormkruid, grote klit, kaardenbol, koninginnenkruid, kamilles, wilde marjolein, wilde peen, heksenmelk en distels, om er maar een paar te noemen.


Maar omdat ik ze niet zo vaak tegenkom krijgen rode ogentroost (hier heel veel) en heelblaadjes (één populatie) een speciale vermelding!


Ik passeer opnieuw de Maasbrug in de A67 onderlangs. Galloway’s, die de uiterwaarden horen te begrazen, hebben op het heetst van de dag de schaduw van de brug opgezocht.


Ik wandel in de richting van Velden, waar de grote champignonkweker Okéchamp zijn vrachtwagens heeft voorzien van de grappige slogan ‘Challenge the Champignons’.


Onderweg nog twee beeldjes van ‘Gekke maondaagvierders’ en in het centrum van het dorp de ‘Gekke Maondaag Fontein’. Geen wonder dat een aantal vierders op de rand staan te wachten en ongeduldig rond te draaien, want op Gekke Maondaag wordt het misschien een bierfontein.


Aan de overkant van de weg nog een aardig beeld van een melkmeisje dat omvalt met emmer en melkstoeltje omdat de koe onrustig is door die ‘Gekke Maondaagvierders’ bij de bierfontein.

 

 

[Beeldverhaal]


Gepost: 1 Augustus 2026

 

Klikprintenwandel: Zwart Water Tocht (17 km)