WANDELEN: Groesbeekpad
Het Groesbeekpad loopt van het Centraal Station Nijmegen naar het Draisine Station in Groesbeek. Het pakt een flink stuk van Nijmegen mee om vervolgens via het dorp Heilig Landstichting en het Groesbeekse Bos naar het eindpunt te leiden. Een lijnwandeling dus.
Op donderdag, 15 januari 2026, parkeer ik dan ook eerst (gratis) in Groesbeek, vanwaar ik met Lijn 5 in twintig minuten naar het centrum van Nijmegen word gebracht door ‘Breng’.
Vanaf het station loopt het eerste stuk door de populaire wijk Bottendaal met voorname herenhuizen. Opvallend zijn de fraaie hoekgevels van huizen op kruispunten.
Getuige de aantallen fietsen en de hoeveelheid rommel voor de deur en op straat, worden vele panden door pandjesbazen verhuurd aan studenten. De gladheid van de afgelopen week lijkt ook bij de gemeente tot een achterstand te hebben geleid in het legen van containers en het ophalen van kerstbomen. De rotzooi houdt geen verband met de naam Bottendaal. Die naam herinnert aan de kuilen waar eertijds het slagersgilde zijn slachtafval – vooral botten – dumpte.
Tussen een stukje nieuwbouw inbreiding is een fabrieksschoorsteen behouden gebleven. Op de sokkel van de schoorsteen een tekst die refereert aan de voormalige eigenaar, de zeepziederij Dobbelman.
'……… Ik waste ze [sokken] wel met Dreft,
maar als ik ze van de lijn haalde,
roken ze alweer naar Dobbelman.
In Nijmegen ruikt alles naar Dobbelman,
vooral bij windstil weer.’ (M.J. Doewina).
In deze wijk, niet ver van het Keizer Karelplein, staat de Titus Brandsma Gedachteniskerk, een kloosterkerk van de Karmelieten. Pater Titus Brandsma (1881–1942) was dan wel Fries van geboorte (omgeving Bolsward), maar wordt vanwege zijn verzetsdaden als de grootste Nijmegenaar aller tijden beschouwd. Hij was lang verbonden aan de Universiteit van Nijmegen.
Eenmaal eerder liep ik met familie te speuren langs de muren op het voorplein van deze kerk als onderdeel van een CityGoose puzzeltocht in de Nijmeegse binnenstad. Uit de citaten over vrede van bekende personen op deze muren moest een lettercombinatie worden gevonden als onderdeel van een uiteindelijke slagzin (‘Noviomagus’. In: Tjiftjaffen, 2014).
Nu heb ik de gelegenheid om even een kijkje ín de kerk te nemen, waar exposities het leven en werk van Titus Brandsma in beeld brengen.
Bij de kerk staat een blauw-zwarte fiets keurig geparkeerd op de standaard. Alleen de twee wielen ontbreken!
In het Julianapark ligt een restant van de grote Begraafplaats Stenenkruisstraat (1811–1904). In 1808 bepaalde Lodewijk Napoleon dat er niet meer binnen de stadsmuren begraven mocht worden. Deze locatie net buiten de versterkte stad was goedkoop omdat er niet gebouwd mocht worden vanwege het vereiste vrije schootsveld, later in detail vastgelegd in de Kringenwet (‘Bossche Broek’. In: Volgend jaar Pasen…, 2025). Daarom ook zijn er alleen platte en geen opstaande zerken. Hier liggen de graven en grafkelders van negentiende-eeuwse Nijmeegse notabelen, waaronder veel gepensioneerde KNIL-officieren.
Langs de Groesbeekseweg ligt de voormalige Krayenhoffkazerne, nu met bestemming cultuur en wonen. Mocht je willen weten wat Cornelis Krayenhoff (1758–1840) allemaal in zijn leven heeft uitgespookt, dan mag je daar wel even de tijd voor nemen: een duizendpoot!
Vóór de hoofdingang een terras van restaurant 'In de kazerne’. Twee iglo’s van doorzichtig plastic maken het mogelijk om ook bij regen en kou buiten chic en privé te dineren.
Deze kazerne was onderdeel van het uitgestrekte LIMOS complex: Luchtmacht Instructie en Militaire Opleidingen School. In het Limospark staan enkele klimrekken in de vorm van vliegtuigjes, die hieraan herinneren.
Via de bossen van Landgoed Mariënbosch kom ik op de Koning Davidlaan terecht, en daarna op de Joanneslaan (welke Hannes?), ten teken dat het dorp Heilig Landstichting is bereikt. Het dorp is vernoemd naar de Stichting met dezelfde naam, die in 1911 werd opgericht om een devotiepark over het Heilig Land (Palestina) aan te leggen, voorheen het Bijbels Openluchtmuseum, nu Museum Orientalis. Om geld voor dit park te genereren werd een deel van de terreinen bestemd voor woningbouw (het dorp) en een ander deel voor een grote begraafplaats met aanpalend de prachtige Cenakelkerk. ‘Cenakel’ verwijst naar de ruimte van het Laatste Avondmaal. In de gevel van de kerk is dan ook een schildering van het Laatste Avondmaal aangebracht.
Maar nog veel fraaier is het interieur. Ik was jaren geleden een keer binnen vanwege een begrafenis. Dat was niet het juiste moment om foto’s te maken. Dat hoop ik nu te kunnen doen, maar de kerk is gesloten en ’s winters alleen te bezoeken op zondagmiddag. Bij hoge uitzondering pluk ik dan nu een fotootje van de website van de Dorpsvereniging om een indruk te geven.
De Cenakelkerk is onderdeel van het GMvNL (Grootste Museum van Nederland), waar inmiddels meer dan twintig bijzondere kerken, synagogen, moskeeën en tempels aan deelnemen (‘Februari 2018’. In: Dreamgirls, 2018).
Ik maak een klein rondje op de begraafplaats. Bij de ingang hangt een enorme klok, zodat je met veel bombarie naar je laatste rustplaats kunt worden gereden.
Bij de ingang van Museum Orientalis heerst een serene winterse rust. Ooit bezocht ik het park tijdens het ‘Feest van het Licht’ (rond Kerst en jaarwisseling) voor een grote expositie van kerststallen. Er zat er geen een tussen die ook maar bij benadering leek op de bijzondere gipsen kerststal uit één stuk van mijn ouderlijk huis.
Het nabijgelegen Afrika Museum heeft wegens bestuurlijke conflicten in 2023 de deuren moeten sluiten.
Vanaf hier loopt de route door het Groesbeekse Bos op de Nederrijnse Heuvelrug. Onderweg langs de Nijmeegsebaan nog het voormalige tuberculose herstellingsoord Dekkerswald, waar een deel van de gebouwen leeg staat en verpaupert.
Rond één uur breekt een zielig zonnetje door het wolkendek en verwarmt de open plekken in het Groesbeekse Bos. Er wordt aan herbebossing gedaan, maar het grote aantal omgevallen plastic kokers getuigt van het lage slagingspercentage. De kokers staan ook wel erg dicht op mekaar. Misschien is men al tevreden als één van de twintig aangeplante boompjes de juveniele fase overleeft.
Langs de Maldense Baan is een achttiende-eeuwse wegwal gereconstrueerd. Deze werden aangelegd om te voorkomen dat het verkeer bij moeilijk begaanbare delen van de bestaande weg alternatieve routes door het bos zouden maken.
Het bos is niet erg bijzonder, met eiken en beuken langs de grotere paden, dennen en sparren voor de houtproductie, tamme kastanje voor de kalkoen en gras en bramen om de bodem te bedekken.
De eigenaar van Landgoed De Hooge Hoenderberg heeft zijn territorium op de hoeken gemarkeerd met grote zwerfkeien. Die had P.J.M. van Stokkum als ondernemer in natuursteen voor het grijpen.
Bij de ingang van het landgoed een enorme zwerfkei met een stichtelijk gedicht van de eigenaar, gedateerd 1928:
'Geniet in vreugd, in stille vree
Van ‘tgeen in oog of oor moog boeien.
Beschadig niets, neem ook niets mee.
Spaar dieren, laat alles groeien.
Houd honden stevig aan den band.
Blijf kalm op de wegen wandlen.
Rook niet: de kleinste vonk sticht brand.
Treedt ge hier in, dan ook zoo handlen!
De ingang van het landgoed ligt bij een brug over de diepliggende oude spoorlijn uit 1865 tussen Nijmegen en Kleef (28 kilometer). In 1991 reden hier de laatste treinen. Dit deel tussen Nijmegen en Groesbeek wordt wel geflankeerd door een snelfietspad, de ‘Europa-Radbahn’.
De lage ligging van de spoorlijn tussen heuvels nodigt uit tot jodelen. Dat heeft het Groesbeeks Gemengd Koor waarschijnlijk op het idee gebracht om van het fietspad een ‘Zangfietspad’ te maken: ‘Hier mag je officieel (mee)zingen op de fiets! Geen vreemde pauzes meer in je liedje omdat er iemand langs fietst!’ Ik stop wel altijd met zingen bij een STOP-bord.
In Groesbeek wandel ik even naar het Draisine Station. Men heeft van de nood een deugd gemaakt en het verlaten treinspoor Groesbeek–Kranenburg–Kleef sinds 2008 begaanbaar gemaakt voor spoorfietsen (draisines), een mooie toeristische attractie (van april tot en met oktober). Het is enkelspoor, dus passeren is niet mogelijk. Je moet je wel aan de dienstregeling houden! Op een fietstocht net over de grens in De Duffelt – de Duitse Ooijpolder – kwam ik de ‘Grenzland-Draisine’ ook al eens tegen bij Donsbrüggen (‘Duffelt’. In: Eigen land laatst!, 2021).
Gepost: 29 Januari 2026
WandelZoekpagina: Groesbeekpad (15 km)